thumb|Helm Nieuw Model (M27) De Gevechtshelm M27 of Helm Nieuw Model is een stalen gevechtshelm die door de Nederlandse krijgsmacht werd gebruikt van 1927 tot en met de capitulatie na de Duitse inval in mei 1940 en de capitulatie na de Japanse inval in Nederlands-Indië maart 1942. De officiële naam voor alle varianten was Helm Nieuw Model of Helm NM. Na-oorlogse historici en verzamelaars duiden de helm aan met M27. Soms worden voor M27-helmen van verschillende fabrikanten en/of verschillende productiejaren andere aanduidingen gebezigd, zoals M23-27, M28, M33,Dutchhelmets, Model 1933 (m33) helmen M34, M27/34, M38,Dutchhelmets, Model 1938 (m38) helmenNederlandse legerhelmen 1915-1945 Helm M38. Gearchiveerd op 10 juni 2023. of M40 (C).Nederlandse legerhelmen 1915-1945 Helm M40-C. Gearchiveerd op 10 juni 2023.
De M27-helm verving vanaf 1927 de Helm Oud Model of Helm OM (‘M16’).
De M27 werd tijdens de Tweede Wereldoorlog bij de Nederlandse troepen in Engeland vervangen door de Britse Mk II-helm, die ook na de oorlog in gebruik bleef en op zijn beurt in 1953 werd vervangen door de Gevechtshelm M53, een kopie van de Amerikaanse M1-helm.
De Gevechtshelm M27 werd een icoon van het Nederlandse leger in mei 1940, en van het KNIL tussen 1940 en 1942. In 1945 werden de blauwe overall met koppel en M27-helm het iconische uniform van de Binnenlandse Strijdkrachten (BS)
Geschiedenis In 1916 was bij de Nederlandse krijgsmacht de Gevechtshelm M16 ingevoerd. Na 1918 ging de legerleiding op zoek naar een vervanger. Beproefd werden Britse en Zweedse helmen, en er waren ook contacten met Belgische en Franse fabrikanten. In 1922 verscheen een verbeterde versie van de M16, de z.g. "gekraalde Röchling-helm", genoemd naar het staal waarvan deze was vervaardigd, geleverd door de Röchling’sche Eisen- und Stahlwerke GmbH in Völklingen, en de gekraalde rand die hij had gekregen omdat de rand van de M16 vrij scherp was.
In 1923 werd een “Helmencommissie” ingesteld om te komen tot een vervanger voor de M16. Een van de commissieleden was eerste luitenant G. P. de Kruyff. Deze commissie kwam in 1924 met het ontwerp de nieuwe M27 helm. Datzelfde jaar werden er proefmodellen gemaakt door de Patroonfabriek van de Artillerie-Inrichtingen (A.I.) te Hembrug. Eind 1926 werd opdracht gegeven voor de productie van de nieuwe helm door Artillerie-Inrichtingen. Eind mei 1927 was de proefserie van 200 helmen gereed. Het duurde echter nog tot eind januari 1928 voordat de binnenwerken werden geplaatst en de helmen gereed waren.
Op 1 juli 1927 werd de helm officieel ingevoerd als Helm Nieuw Model en vanaf dat moment werd de M16 helm als Helm Oud Model aangeduid.
Ontwerp thumb|Gevechtshelm M27/34 thumb|Binnenwerk van de M27/34 thumb|Helmplaat op helm M27/34 thumb|Marinier met M27 helm. Voorop het onklaar anker i.p.v. de helmplaat (1941) thumb|Studiofoto KNIL-militair met KNIL-helm De M27 helm heeft in vergelijking met andere helmen uit dezelfde periode een ongebruikelijke vorm, omdat hij, in tegenstelling tot de veel ontwerpen uit die periode niet gebaseerd is op de Britse Brodie-, Franse Adrian- of Duitse Stahlhelm. De helm heeft een terughellende voorzijde, en een gekraalde rand. De M27 helmen werden geleverd in een vrij donkere olijftint, die na enkele jaren bij de troep soms nagenoeg zwart was geworden door het steeds maar opwrijven met wapenolie.
Het staal voor de helm was afkomstig van de Tsjecho-Slowaakse firma Poldi-Hütte in Kladno bij Praag, gespecialiseerd in hooggelegeerd staal. De nikkel-silicium en chroom-silicium-staalplaten in diepstampkwaliteit waar de helmen uit geperst werden hadden een fosfor- en zwavelgehalte lager dan 0,05 %. De diameter van de platen was 420 mm, de dikte gemiddeld 1,1 mm, en het gewicht 1.100 g -1.250 g. De helm die eruit gemaakt werd moest na de warmtebehandeling voldoen aan de een aantal schietproeven.
Er waren ook „groot model" (63 cm) helmen beschikbaar.
Riemsleuf De M16-helmen waren voorzien van ventilatiegaatjes en (ransel)riemsleuven, waarmee de helm wanneer hij niet gedragen werd, op de uitrusting bevestigd kon worden. De riemsleuven en ventilatiegaatjes konden bij veel wind een hinderlijk geruis geven. De M27 was daarom ontworpen zonder ventilatiegaten en riemsleuf. Omdat het daardoor lastig om de M27 anders dan op het hoofd mee te voeren, werden nieuwe helmen vanaf september 1927 wel voorzien van een riemsleuf onderaan aan de achterzijde. Later zijn ook oudere helmen alsnog voorzien van een riemsleuf. De M27 werd, wanneer deze niet in gebruik was, met een lederen riempje met gesp (helmriempje) door de riemsleuf aan de koppel of op de rugzak vastgemaakt.Dutchhelmets, Helmdrager Voor bereden officieren was er een lederen helmdrager (eigen aanschaf), waarmee de niet-gedragen helm op de sabel meegevoerd kon worden.
Binnenwerk Het binnenwerk van de M27 was afgeleid van het binnenwerk van de M16 helmen en bestond uit drie lederen flappen geplaatst op een lederen hoofdband. Onder elke lederen flap was een dik driehoekige oranje vilten kussen geplaatst van ca. 1½ mm dik. Binnenin de helm zat aan beide zijden een rechthoekige kinriembeugel. Hieraan was de 2-delige kinriem (‘3e model’) bevestigd: aan de linker kinriembeugel was met 2 holnieten een lederen riem van 18mm breed en ongeveer 58 cm lang bevestigd, aan de aan de rechter kinriembeugel was met 2 holnieten een korte riem met rolgesp bevestigd. Aan de achterzijde was een met een riempje met doorngesp verstelbare lederen nekriem aangebracht. Het geheel werd aan de helm bevestigd met 7 stalen holnieten. De holnieten waarmee de kinriembeugel aan binnenwerk en helm werd bevestigd braken snel af. Vanaf 1931 werd de kinriembeugel daarom bevestigd met een twee koperen klinknagels. Oudere helmen waarvan de holnieten afbraken werden hersteld met koperen klinknagels.
Helmplaat Aan de voorzijde van de M27 helm is een ovale roodkoperen helmplaat gesoldeerd. Op de plaat is een klimmende Nederlandse leeuw in jugendstil-stijl ‘in reliëf’ weergegeven. De plaat werd ontworpen door Chris van der Hoef. De helmplaat werd dofzwart gespoten, maar door de troepen vaak glimmend gepoetst. In 1940 ging het gerucht dat de helmplaat ervoor zou zorgen dat kogels niet afschampen van de helm, maar deze juist gemakkelijker doorboren. De helmplaat werd daarom vaak verwijderd met de stormdolk, bajonet of een ander scherp voorwerp. In juni 1927 was echter bij op verzoek van de legerleiding uitgevoerde schietproeven bij de Artillerie-Inrichtingen gebleken dat de helmplaat de kans op doorboring van kogels en scherven eerder verlaagde dan verhoogde.Nederlandse legerhelmen 1915-1945 De Helmplaat. Gearchiveerd op 26 maart 2023. Marine en Mariniers Aanvankelijk waren de helmen die door de Koninklijke Marine en het Korps Mariniers gebruikt werden ook voorzien van de helmplaat met klimmende leeuw, maar vanaf 1932 werd deze door de Marinewerf vervangen door een zwart gespoten gekroonde onklaar anker van hetzelfde model dat ook op de pet werd gedragen. Na het vervangen van de helmplaat, werd de helm aan de buitenzijde in een donker-grijsgroene kleur overgeverfd.
Helmband De glimmende ronde helm viel op in het veld en verraadde de aanwezigheid van de drager. Ook andere landen hadden hiermee te kampen. Vanaf 1937 werden de Nederlandse helmen daarom behandeld met alkydalverf, waardoor ze niet meer glommen. In 1937 meldde majoor G.J. Sas, militair attaché in Berlijn, dat de Duitsers een rubberen band om de helm gebruikten, waarin takjes enz. werden gestoken om deze te camoufleren. In 1939 werd ook in Nederland een helmelastiek ingevoerd, die officieel ‘Rubberring tot maskeering van den helm’ heette, maar ‘helmring’, ‘helmband’ of ‘helmelastiek’ werd genoemd. Ze werden gemaakt door rubberfabriek Vredestein. De helmband was gemaakt van een donker-olijfgroen rubberen band van 16 mm breed, 3 mm dik en ongeveer 20 cm in diameter. Aan beide zijden was een grijsgroene lederen lus met een stalen haak bevestigd. De haak werd onder de rand van de helm gehaakt.Dutchhelmets, Helmband Gedurende de mobilisatie in 1939/40 werden de olijfgroene helmelastieken met twee haken op vrij grote schaal uitgereikt. Met de elastieken kon camouflagemateriaal, bv. takken of gras op de helm bevestigd worden.
Fabrikanten De verwachting was dat de Artillerie-Inrichtingen aan de Hembrug in Zaandam in geval van mobilisatie niet voldoende wapens, munitie en uitrustingsstukken zouden kunnen produceren en dat er daarom ook particuliere bedrijven deze producten zouden moeten produceren. Dit had tot gevolg, dat in 1931 de N.V. De Vereenigde Blikfabrieken (Verblifa) bij de helmenproductie werd betrokken. De helm M27 is dus zowel bij de Artillerie-Inrichtingen als bij Verblifa. aangemaakt. Begin 1932 was de hele productie aan de Verblifa uitbesteed. De eindverantwoording bleef bij de Artillerie-Inrichtingen. Toen in januari 1940 de productie op volle toeren draaide, werden aan de Centrale Magazijnen van de krijgsmacht 1500 helmen per dag afgeleverd.
Het lederen binnenwerk met de vilten kussens van de helmen werd gemaakt door verschillende fabrikanten, o.a. lederwarenfabrieken J. de Valk jr. in Amsterdam,Westervoort 1940, Helm, Wed. D.P. de Booij in Den Bosch, Gebr. Van der Kloot Meijburg & Zoon in Alphen aan de Rijn en Dieren en E. Wessels & Zoon in Utrecht.Nederlandse Militaria, Binnenwerk leveranciers M27 stalen helm. Gearchiveerd op 29 juni 2021.
Een klein aantal helmen werd voor het KNIL geproduceerd door Milwaukee Saddlery Company (Milsco) in de Verenigde Staten.
Varianten thumb|Helm Nieuw Model (verbeterde versie) (M27/34) thumb|Motorrijdershelm nieuw model Helmen van verschillende fabrikanten en in verschillende productieseries wijken af in details. Daarnaast zijn er varianten die meer afwijken van de originele helm:
Helm NM (verbeterde versie) Vanaf 1933 werd een licht gewijzigde versie geproduceerd. Het opvallendste verschil was de bij de oren iets hoger uitgesneden zijkant, waardoor de helm er van opzij gezien een meer geprononceerde kromming heeft. De nieuwe versie is ook wat zwaarder. Het binnenwerk bleef ongewijzigd. De verbeterde helmen werden geleverd in een lichtere olijfgroene kleur dan de originele helmen. Het verbeterde model werd ‘Helm NM (verbeterde versie)’ genoemd, en werd vanaf 1934 ingevoerd. Na-oorlogse historici en verzamelaars duiden dit model meestal aan als ‘M27/34’. Soms ook als ‘M34’.
KNIL-helm In 1930 plaatste het Ministerie van Koloniën een proefbestelling voor helmen voor het KNIL. De KNIL-helm was aan de achterkant 3 cm korter dan het oorspronkelijke model, was voorzien van een ranselriemsleuf van 22 mm en een keelriem van 22 mm van soepel chroom gelooid leder met schuifgesp. Aan het binnenwerk was aan de achterzijde een lederen nekflap aangebracht. In 1936 werd een contract voor de levering van 3000 helmen getekend, waarna andere contracten volgden. De helm werd ‘Helm NM KNIL’ genoemd.
Milsco helm van het KNIL Nadat Nederland bezet was door de Duitsers, werd een klein aantal helmen voor het KNIL geproduceerd door Milwaukee Saddlery Company (Milsco) in de Verenigde Staten.Dutch Helmets, KNIL/TRIS Deze helmen hadden geen helmplaat aan de voorzijde, en hadden een grotere nekflap aan de achterkant en ventilatiegaten in de hoofdband. Verder was hij vrijwel identiek aan de ‘Helm NM KNIL’. De Milsco helmen worden door verzamelaars soms aangeduid als M41 KNIL, Milsco.
Motorrijders helm Het binnenwerk van de helmen voor motorrijders was voorzien van met extra lederen oor- en nekstukken.Dutchhelmets, Motorrijdershelmen
Roemeense helm Begin januari 1937 verzocht de Roemeense regering Nederland om enkele M27/34 helmen te leveren voor beproevingen. Na uitgebreide beproevingen bestelde Roemenië 628.000 helmen van een iets gewijzigd ontwerp voor ƒ 4,93 pst Asociația Traditia Militară, Cască Olandeză (ongeveer € 33 in 2015Historical Statistics, Currency Converter, “4,93 Dutch guilder in 1937 ~ 33,65 Euro in 2015).