Gecorporiseerd licht (of gematerialiseerd licht, gemanipuleerd licht) is een term die beschreven staat in diverse boeken waarin het thema ufologie aan bod komt. Volgens vele ooggetuigen van zogenaamde niet-geïdentificeerde vliegende objecten zouden er vormen van licht bestaan die de wetten van de fysica omzeilen, waarbij regelmatig compact uitziende lichtstralen worden gerapporteerd die zich traag gedragen, afbuigen, onder een scherpe hoek van richting veranderen, of op bepaalde punten afgesneden zijn. Verwantschap met natuurlijke lichtgevende verschijnselen, zoals de bolbliksem of het poollicht, kan een mogelijke verklaring zijn.

Julien Weverbergh, UFOnauten in opmars, hoofdstuk VI: En er zij licht!, blz 189: Wie enkele honderden rapporten aandachtig doorleest stuit herhaaldelijk op dergelijke details, die erop wijzen, dat er waarschijnlijk heel wat meer gematerialiseerde lichteffecten of gecorporiseerde lichten in de dossiers verborgen zitten dan het 20-tal voorbeelden dat ik heb verzameld. Jammer genoeg ontbrak het de getuigen meestal aan een adequate woordenschat om hun ervaring te formuleren, en aan de UFOlogen aan voldoende bekwaamheid om gegevens als het was geen straal als uit een projector verder en hardnekkig preciezer door getuigen te laten definiëren.

Rubens Junqueira Villela De term gecorporiseerd licht is afkomstig van de Braziliaanse meteoroloog en poolreiziger Rubens Junqueira Villela die in maart 1961 te Antarctica een atmosferisch lichtgevend verschijnsel had waargenomen waarvan hij vermoedde dat het om een nog onbekende vorm van luminescentie ging. Hij beschreef deze vorm van licht als gecorporiseerd Julien Weverbergh, UFOnauten in opmars, Ankh-Hermes - 1976, bladzijden 186-188.

Waarnemingen Ringstead Bay, Engeland, 17 augustus 1876 Op 17 augustus 1876 stonden twee dames op de klif te Ringstead Bay en zagen zich omhuld door ontelbare lichtgevende bollen. Deze lichtbollen bewogen zich verticaal op en neer, afzonderlijk van elkaar, en hadden de afmetingen van biljartballen. Alhoewel deze lichtbollen de dames op relatief korte afstanden naderden konden ze niet aangeraakt worden. Ze zagen eruit als zeepbellen met iridescente kleuren. Ofschoon ze een gloeiende indruk gaven was hun licht niet pijnlijk aan de ogen. Tijdens het gebeuren werden geen geluiden gehoord.William R. Corliss, Lightning, Auroras, Nocturnal Lights, and related luminous phenomena, The Sourcebook Project, 1982, page 108 (GLD7: Luminous Aerial Bubbles, X3)

Een groot deel van Europa, 17 november 1882 Gedurende de indrukwekkende poollichtverschijning van 17 november 1882 nam Edward Maunder een vreemdsoortig lichtgevend hemelverschijnsel waar dat qua vorm vergeleken kon worden met een Zeppelin, een torpedo, een spoel, en een sigaar. Dit hemelverschijnsel werd ook gerapporteerd door de amateurastronoom John Rand Capron (1829-1888). Capron maakte er een tekening van die vervolgens veelvuldig werd gereproduceerd om in tal van boeken te verschijnen. Wat er toen precies werd waargenomen is steeds een bron van speculatie geweest.Julien Weverbergh, Ufo's in het verleden - documentatie, bladzijden 60-61William R. Corliss, Lightning, Auroras, Nocturnal Lights, and related luminous phenomena, page 14 (GLA3, Auroral Meteors: Moving Luminous Patches)

Mid-Lothian, Engeland, 23 juli 1885 Op 23 juli 1885, rond 10 uur in de avond, zag een groepje van vier personen zich omhuld door lichtgevende golven waarvan één persoon een elektrische schok als van een zwakke galvanische batterij gewaar werd.Julien Weverbergh, Ufo's in het verleden - documentatie, blz 63William R. Corliss, Lightning, Auroras, Nocturnal Lights, and related luminous phenomena, page 100, GLD4-X2 (Moving, Surface-Level, Electrified Light Patches)J. B. A. Watt, Nature, Electrical Phenomenon, 32:316-317, 1885

Ten zuiden van het eiland Jeju in de Noord Chinese zee, februari 1893 Zwevende roodachtige vuurbollen die deden denken aan lampions werden waargenomen boven het water van de Noord Chinese zee, ten zuiden van het eiland Jeju.Julien Weverbergh, Ufo's in het verleden - documentatie, bladzijden 65-66William R. Corliss, Lightning, Auroras, Nocturnal Lights, and related luminous phenomena, page 171, GLN1: Low-Level Nocturnal Lights

West Virginia, 11 september 1898 Op 11 september 1898 merkte Simon Newcomb, te West Virginia, een vreemdsoortig nachtelijk lichtgevend hemelverschijnsel op, bestaande uit een ovaalvormige wolk met een schijnbare diameter van 5 tot 6 graden. Het verschijnsel verscheen en verdween 10 tot 20 keren. Er werden geen normale poollichtaktiviteiten opgemerkt.William R. Corliss: Lightning, Auroras, Nocturnal Lights, and related luminous phenomena (The Sourcebook Project, 1982), GLA15: Luminous Horizon Patches, X11 / R30: Newcomb, Simon: An Unusual Aurora, Science, 8:410, 1898.

Wales, Engeland, 1905 Gedurende de godsdienstige opleving van 1904-1905 in Wales, werden talrijke bolvormige lichtverschijnselen waargenomen. Deze lichtverschijnselen werden in verband gebracht met de ontmoetingen van mevrouw Mary Jones.Julien Weverbergh, Ufo's in het verleden - documentatie, bladzijden 196-197

Anderlues, België, 1909 Ten noordoosten van Anderlues nam de heer Houck op een moeilijk begaanbaar paadje van ongeveer 80 centimeter breedte een gloeiend lichtpuntje waar dat geleidelijk groeide tot het de afmeting van een tennisbal had en daarna de omvang van een voetbal. Het geheel had een witte kleur met oranje plekken. De lichtbal groeide verder aan tot het als een lange platte worst het gehele paadje afsloot, waarna de heer Houck ten gevolge van een opkomend angstgevoel het op een lopen zette, zich omdraaide, en zag dat het vertoonsel verdwenen was.Julien Weverbergh, Ufo's in het verleden - documentatie, bladzijden 118-119J.G.Dohmen, A identifier. Le cas Adamski, Travon, Biarritz, 1972

Baltimore, Maryland, Verenigde Staten, 19 juni 1924 Op 19 juni 1924 stond, gedurende een onweer, mevrouw Ames binnenskamers op een vloerkleed met haar hand in haar zij. Volgens een ooggetuige die ongeveer vijf voet verwijderd was van mevrouw Ames begon de lucht tussen haar uitgestoken pink en de vloer te vibreren, gelijkend op hete lucht boven een door de zon verlicht oppervlak. De ooggetuige merkte dat er iets traag opsteeg vanaf de vloer tot aan de pink van mevrouw Ames en gedurende een moment hing een klein langwerpig lichtbolletje aan de onderkant van de pink. Het lichtbolletje had dezelfde afmeting als van een pecannoot. Er ontstonden buitenshuis enkele bliksemflitsen en het lichtbolletje verdween. William R. Corliss, Lightning, Auroras, Nocturnal Lights, and related luminous phenomena, page 73, GLB6: Miniature Ball Lightning

Paraguay, 3 oktober 1927 Gedurende de nacht van 3 oktober 1927 werd in de hemel boven Paraguay een storm van vreemdsoortige stille ontladingen waargenomen, waarbij zich vlug bewegende cilindervormige oranjekleurige ontladingen vertoonden die de indruk wekten alsof ze met een lichtgevend gas waren gevuld. Ook werden flitsende ontladingen die rondwentelden als draaimolens gezien, en honderden lichtgevende boogvormen die zich verzamelden omstreeks het zenit. Deze boogvormen waren zodanig helder dat ze te verblindend waren om er naar te blijven kijken. Dit spectaculair vertoonsel nam enkele uren in beslag zonder donder of enige andere vorm van geluid.William R. Corliss, Lightning, Auroras, Nocturnal Lights, and related luminous phenomena (The Sourcebook Project, 1982), GLL4: Silent Lightning, page 138, X3: Dr.Knoche in Paraguay.C. F. Talman, The Strangest Lightning, American Meteorological Society - Bulletin, 12:130, 1931.

Araçariguama, Sâo Paulo, Brazilië, februari 1946 Joâo Prestes Filho, leeftijd 40 jaar, een krachtige man in uitstekende gezondheid, werd na een vispartij met zijn vriend Salvador dos Santos aan de oever van de rivier Tietê, tijdens het huiswaarts keren door een lichtbundel of lichtstraal van onbekende oorsprong beschenen, en takelde vervolgens zodanig af dat zijn lichaam reeds in ontbinding was kort voor hij overleed, zes uren nadat hij door de lichtstraal werd beschenen. Voor en na dit incident werden in de hemel boven de streek van Araçariguama vreemdsoortige lichtverschijnselen waargenomen.Julien Weverbergh, Ufo's in het verleden - documentatie, bladzijden 129-130-131

Kronoskogen-Ängelholm, Zweden, 18 mei 1946 De heer Gösta Carlsson merkte op 18 mei 1946 in Kronoskogen, nabij Ängelholm, Zweden, een geland schijfvormig object met diameter ongeveer 16 meter en hoogte 4 meter op. Aan een centrale mast van ongeveer 5 meter hoog was iets te zien dat op een lampenkap leek en een vreemd purperkleurig licht verspreidde dat niet alleen het hele object, maar ook de daar omheen liggende grond verlichtte. Dit licht, dat als een kaasstolp de gehele scène van de buitenwereld afsloot, vloeide en pulseerde als water van een fontein. Waar het de grond raakte kon de heer Carlsson vonken waarnemen.Julien Weverbergh, Ufonauten in opmars, bladzijden 51-56

Trancas, Argentinië, 21 oktober 1963 Op 21 oktober 1963 werden te Trancas, Argentinië, perfect cilindervormige lichtstralen waargenomen die aan hun uiteinden abrupt afgesneden waren. De diameters van deze lichtstralen bedroegen drie meter. De bronnen van deze lichtstralen waren volgens de familie Moreno vreemdsoortige toestellen die boven een nabijgelegen spoorlijn zweefden. Daarbij werd ook een horizontaal geplaatste lichtbuis waargenomen waartegen zich silhouetten van humanoïde vormen aftekenden.Julien Weverbergh, Ufonauten in opmars, bladzijden 76-82

Bendigo en Saint-Armand, Australië, 4 april 1966 Op 4 april 1966 bemerkte een 38-jarige Australische aannemer bij nacht tussen Bendigo en Saint-Armand langs de weg een verlichte omgekeerde afgeknotte kegel van ongeveer 7,50 meter hoog. Nadat zijn wagen uitviel, bogen de stralen van zijn koplampen zich naar het object toe. Toen het object wegvloog gedroegen de stralen van de koplampen zich terug normaal. Noch de straatverlichting noch het licht van de sterren gedroegen zich tijdens dit incident abnormaal.Julien Weverbergh, Ufonauten in opmars, blz 203

Cussac, Frankrijk, 29 augustus 1967 Twee kinderen te Cussac, Frankrijk, zagen op 29 augustus 1967 een vertrekkende lichtbol en vier kleine humanoïden die nog net op tijd konden instappen in de bol. Het instappen geschiedde op een ongewone manier, daar de vier humanoïden in de bol sprongen en er met het hoofd eerst in verdwenen, waarbij de vierde humanoïde zich blijkbaar had bedacht, terugkeerde naar de grond om iets op te rapen, vervolgens alsnog een eind mee naar boven vloog en in de bol verdween.Julien Weverbergh, Ufonauten in opmars, bladzijden 105-106

Oka, Canada, 29 augustus 1967 Op 29 augustus 1967 nam een 13-jarige jongen te Oka, Canada, vanachter het badkamerraam een schotelvormig object van 10 meter breed en 5 meter hoog waar dat via een 12 meter lange vertikale cilindervormige lichtkolom, vanboven op het object, een kaasstolpvormig lichtgordijn om zich heen vormde. De jongen vergeleek dit verschijnsel met het watergordijn dat uit een tuinslang komt als de slang recht naar omhoog gehouden wordt, of als een treurwilg, of een met lucht gevulde plastic zak op een bord.Julien Weverbergh, Ufonauten in opmars, bladzijde 201

Victoria, Canada, 1 augustus 1968 Op 1 augustus 1968 werd te Victoria, het uiterste zuidwesten van Canada, een object in de vorm van een gedeeltelijk afgeplatte bol waargenomen waaruit drie of vier lichtstralen ontstonden die abrupt op een zevental meter boven de grond tot stilstand kwamen. De grond onder de scherp afgetekende stralen was niet verlicht. De kleur van de stralen was een mengeling van rood en purper (magenta). Volgens P.H.Edwards werden er in het gebied van het Vancouvereiland (het uiterste zuidwesten van Canada) in de loop der jaren meerdere niet-geïdentificeerde objecten waargenomen.Julien Weverbergh, Ufonauten in opmars, blz 193

Villiers-en-Morvan, Frankrijk, 21 augustus 1968