Willie Kent (Inverness, 24 februari 1936 - Englewood, 2 maart 2006) was een Amerikaanse bluesmuzikant (zang, basgitaar) en songwriter.

Biografie Zijn eerste zangervaringen maakte Willie Kent in zijn jeugd in de kerk. Door het radioprogramma van KFFA King Biscuit Time leerde hij Arthur Crudup, Sonny Boy Williamson II en vooral Robert Nighthawk waarderen. Op 11-jarige leeftijd hoorde hij in de Harlem Inn de daar optredende artiesten Raymond Hill, Jackie Brenston, Howlin' Wolf, Clayton Love, Ike Turner en Little Milton.

In 1952 kwam hij naar Chicago, waar hij werkte en blues luisterde. Hij kocht een gitaar. In 1959 voegde hij zich bij de band Ralph and the Red Tops als chauffeur, manager en tijdelijke zanger. Op een nacht was de bassist van de band te dronken om te spelen en dus speelde hij basgitaar, het instrument waarop hij de rest van zijn leven zou spelen. Hij speelde voor Little Walter, Muddy Waters, Howlin' Wolf, Junior Parker, Arthur Stallworth and the Chicago Playboys, Hip Linkchain en Jimmy Dawkins. Tijdens de jaren 1970 ondernam hij zijn eerste Europese tournee en werd hij de frontman van de huisband in Ma Bea's Lounge in de Madison Avenue (Sugar Bear & the Beehives, Willie James (gitaar), Robert Plunkett (drums)). In 1982 werd hij lid van Eddie Taylors Blues Band. Na diens overlijden formeerde hij zijn eigen band Willie Kent & The Gents. In verschillende bezettingen bleef deze band tot aan Kents overlijden bestaan. In 1989, na een bypass-operatie, beëindigde hij zijn werk en concentreerde hij zich geheel op de muziek, zoals men kan opmaken uit zijn discografie. Voor 1989 verschenen slechts twee albums van hem.

Overlijden Willie Kent overleed in maart 2006 op 70-jarige leeftijd.

Onderscheidingen W.C. Handy Awards: Best Blues Instrumentalist, bas (1995, 1997 tot 2005) Criticikeuze: Most Outstanding Blues Musician, bas Living Blues Magazine (1995 tot 1999, 2001) Lezerskeuze: Album of the Year 2001 Soul Bag Magazin, Frankrijk, voor Comin' Alive Criticikeuze: Album of the Year 2001 Soul Bag Magazin, Frankrijk, voor Comin' Alive France Blues Award: Best Blues Musician, bas (2002, 2003) Chicago's Album of the Year 1998 Make Room for the Blues Library of Congress: Best Blues Recording of the Year 1991 voor Ain't It Nice

Discografie Albums 1975: Ghetto (Storyville Records) 1989: I'm What You Need (Big Boy Records) 1991: Ain't It Nice (Delmark Records) 1991: King of Chicago's West Side Blues (Wolf Records) 1993: Live at B.L.U.E.S. in Chicago (Wolf Records) 1994: Too Hurt to Cry (Delmark Records) 1996: Long Way to Ol' Miss (Delmark Records) 1998: Everybody Needs Somebody (Wolf Records) 1998: Make Room for the Blues (Delmark Records) 1998: Who's Been Talking met Lil' Ed Williams (Earwig Music Company) 2001: Comin' Alive! (Blue Chicago Records) 2004: Blues and Trouble (Isabel Records)

Gastoptredens (selectie) 1991: John Littlejohn - Johnny Littlejohn's Blues Party 1993: Eddie Taylor - Bad Boy 1993: Johnny B. Moore - Lonesome Blues 1995: Al Miller - Wild Cards 1995: Bonnie Lee - Sweetheart Of The Blues 1995: Eddie Shaw - Home Alone 1996: Johnny B. Moore - Live At Blue Chicago 1997: Johnny B. Moore - 911 Blues 1997: Freddie Roulette - Back In Chicago: Jammin' With Willie Kent And The Gents 1998: Blues Power, Vol. 1: Wolf Records Presents The Best of Blues 1998: Edward Taylor - Lookin For Trouble 1998: Boston Blackie / Otis 'Big Smokey' Smothers - Chicago Blues Session, Vol. 1 1998: Chicago Blues Tour 1999: Louisiana Red - Millennium Blues 1999: Earwig 20th Anniversary Collection 2000: This Is The Blues Harmonica 2000: Vera Taylor - You Better Be Careful 2001: Johnny B. Moore - Born In Clarksdale Mississippi 2001: Iceman Robinson - I've Never Been Loved 2003: Delmark – 50 Years Of Jazz And Blues: Blues 2003: West Side Chicago Blues

Categorie:Amerikaans blueszanger Categorie:Amerikaans bluesbassist Categorie:Amerikaans singer-songwriter