thumb|Tekening van de houding van het paard tijdens de rollkur De rollkur, of Roll Kur, ook wel hyperflexie van de nek, is een controversiële techniek in de dressuur, die door de internationale overkoepelende paardensportbond Fédération Équestre Internationale (FEI) gedefinieerd wordt als 'door agressieve kracht afgedwongen buiging van de nek van het paard'. Bij de rollkurmethode wordt het paard getraind om de hals sterk gebogen en de neus op de borst te houden. De rollkur, sinds de jaren 70 van de 20e eeuw bekend uit het springen, is veel in de media gekomen door het succes van de, met name Nederlandse, dressuurpaarden die volgens deze methode zijn opgeleid. Voorbeelden zijn Totilas en de paarden van Anky van Grunsven. Met deze techniek wordt de inzet en het uitdrukkingsvermogen van sportpaarden vergroot, maar voor de dieren is het een onaangename houding. De rollkur is sinds 2005 onderwerp van conflict tussen de Nederlandse en Duitse paardensportbonden. In de daaropvolgende jaren ontstond er een levendige discussie in de paardensportwereld, vooral na de verspreiding van video's die mogelijk misbruik lieten zien. In februari 2010 is de rollkur officieel verboden door de FEI. Alleen de 'laag, diep en rond' (LDR) methode, waarbij de hals zonder gebruik van geweld buigt, is toegestaan. Deze techniek wordt door de meeste professionele dressuurruiters toegepast, maar het onderscheid tussen rollkur en LDR is niet eenvoudig.

De weerstand tegen de rollkur komt zowel van het grote publiek als van dierenartsen en ruiters. Deze is vooral gebaseerd op de pijn die een paard dat aan deze techniek wordt onderworpen, kan ervaren. Hoewel tegenstanders vinden dat het hier gaat om dierenmishandeling, wordt dit door vooral dressuurprofessionals en sommige dierenartsen weerlegd, zolang de rollkur wordt uitgevoerd door een ervaren ruiter en zonder gebruik van kracht.

Terminologie Het woord rollkur komt uit het Duits en werd voor het eerst gebruikt in 1992 in een artikel in het tijdschrift St. Georg. In dit artikel analyseerde prof. Heinz Meyer nieuwe trainingsmethodes in de dressuur. In eerste instantie betrof het een woordspeling, in analogie met de naam van een geneesmiddel voor bepaalde gastro-intestinale aandoeningen. Om de werking van het medicijn langs de hele maagwand te bevorderen moest de patiënt in verschillende houdingen rollen. Het woord rollkur werd overgenomen door Nederlandse en Engelse tijdschriften.

Omdat het woord rollkur moeilijk te begrijpen was voor het grote publiek, heeft de Fédération Équestre Internationale (FEI) in 2006 de officiële term 'hyperflexie van de nek' ingevoerd. Rollkur wordt echter tegenwoordig nog volop gebruikt, net als het Engelse equivalent van hyperflexie, overbending. Het acroniem 'LDR' voor 'laag, diep en rond' is bedacht door Sjef Jansen, trainer van de amazone Anky van Grunsven. Volgens de officiële definitie van de FEI is LDR de techniek waarbij de hals zonder gebruik van geweld buigt, voor een duur van minder dan 10 minuten. Dit onderscheid wordt echter niet door iedereen erkend. Kolonel Christian Carde, instructeur van het Cadre Noir, gebruikt rollkur en LDR door elkaar. Ook veeartsen Uta König von Borstel en Paul Mc Greevy spreken zich uit in een redactioneel artikel in het Veterinary Journal, zonder de woorden rollkur of LDR te noemen. Zij omschrijven elke houding waarbij de neus van het paard achter de loodlijn komt als dierenmishandeling. Zodra de neus van het paard achter de loodlijn komt, is het paard te diep ingesteld.

Definitie In het naslagwerk Equitation science beschrijven Paul D. McGreevy en Andrew N. McLean het begrip 'diep en rond' of 'rollkur' als 'een moderne manier om het paard te trainen zijn hoofd naar beneden te buigen, met de nek maximaal gebogen'. Kolonel Christian Carda omschrijft de rollkur als 'hyperflexie van de nek, waarbij de nek met geweld opgerold wordt'. De buiging is extreem waarbij de neus van het paard de borst kan raken. Bij de rollkur is de neus van het paard duidelijk achter de loodlijn, terwijl in de dressuur de neus van een verzameld paard in principe rond de loodlijn ligt. Natuurlijk kan een paard een dergelijke houding ook uit vrije wil aannemen, maar alleen voor even en zelden bij tempowisselingen. Voor een paard is dit geen natuurlijke houding. De rollkur is een typisch voorbeeld van de behoefte van de mens om een houding te bewerkstelligen die abnormaal is voor het paard.

De rollkur wordt voornamelijk gevraagd in de dressuur en wordt algemeen gebruikt tot op olympisch niveau. De rollkur wordt daarnaast gebruikt in het springen, in het western rijden en zelfs in de mensport. De discussie reikt echter niet tot aan het springen, waar het gebruik van hulpteugels om rollkur te rijden nog steeds toegestaan is. De houding kan in alle drie de gangen worden gevraagd. Er zijn duidelijke verschillen in manier waarop de rollkur wordt verkregen en hoe lang deze wordt aangehouden. De rollkur kan worden afgedwongen door te strakke hulpteugels, met name door de slofteugel. Sommige ruiters fixeren hun handen of trekken aan de teugels totdat het paard zijn kaak naar achter beweegt als antwoord op de druk die op het bit en de neusriem wordt uitgeoefend, wat neerkomt op het met geweld afdwingen. De rollkur is controversieel, zowel op het gebied van dierenwelzijn als op de plaats die het heeft in de dressuursport. Sommigen zien het als onjuist verzamelen. Hoewel de effecten van de rollkur uitgebreid gedocumenteerd zijn, ontbrak lange tijd de wetenschappelijk onderbouwing. Deze heeft ook weinig invloed op de praktijk. De rollkur is symptomatisch voor de conflictcultuur die heerst in de klassieke dressuursport, vooral tussen de voorstanders van de klassieke rijkunst en hen die een meer moderne vorm van wedstrijdsport voorstaan. Veel ruiters en sommige wetenschappers veroordelen de rollkur, maar anderen zijn van mening dat een veroordeling neer zal komen op een totaalverbod op het buigen van de nek bij het paard.

Belang van de rollkur Er zijn veel studies gewijd aan de rollkur. Volgens een literatuurstudie uit 2015 laat 26% van de gepubliceerde onderzoeken een positief effect op het paard zien vanuit sportief oogpunt, terwijl 23% een negatief effect aangeeft. De resterende 46% meldt te verwaarlozen of tegenstrijdige effecten. De rollkurmethode staat erom bekend de 'uitdrukkingskracht' van het dressuurpaard te vergroten. Het paard zou er soepeler van worden en beter door verzamelen, wat de inzet van het achterbeen vergroot die daarmee actiever en krachtiger wordt. Een onderzoek toont aan dat de paarden meer aandacht hebben voor de commando's van hun ruiter, dat ze beter bewegen als ze in de rollkur worden gereden en dat flexibiliteit en inzet verbeteren. De onderzoekster Christine Aurich is van mening dat de houding achter de loodlijn (de zogenaamde LDR) een gunstig effect heeft op de lenigheid van het paard. Voorstanders van de rollkur stellen ook dat het jonge paard deze houding van nature aanneemt om de ruiter te dragen, wat hem in staat zou stellen de rugspieren te versterken.

Problemen in verband met de rollkur

thumb|links|Duitse dressuurruiter die zijn paard achter de loodlijn rijdt: de plooien bij de hoofd-halsovergang zijn duidelijk zichtbaar. Dr. Uta König von Borstel's analyse komt tot de conclusie dat jonge paarden onder dwang in rollkur lopen (met hun neus achter de loodlijn) om onder de druk van het bit en de neusriem uit te komen. De Zweedse onderzoeker Lars Roepstorff weerlegt het belang van de rollkur met gebruik van de slofteugel om zo te leren verzamelen. Daarbij wordt immers het gewicht van het paard op het voorste deel van het lichaam overgebracht terwijl dit bij een echte verzameling naar de achterhand verplaatst moet worden. Verschillende veeartsen zijn van mening dat paarden die langdurig volgens de rollkurmethode worden getraind, gezondheidsproblemen ontwikkelen. Gerhard Heuschmann legt aan de hand van analyses en onderzoeken in zijn werk Dressuur onder vuur uit dat het forceren van de rollkur ernstige schade aan de ligamenten van de nek en de voorste halswervels toebrengt. Ook vindt er beschadiging plaats van het bewegingsapparaat in z'n geheel en van de verbinding van de nek met de rest van het paardenlichaam in het bijzonder. Het vermoeden bestaat dat de rollkur leidt tot het asymmetrisch wegzetten van het linkervoor- en rechterachterbeen en andersom, in draf en galop. Leop Jeffcott, hoofd van de veterinaire dienst van de FEI, stelde tijdens de lentevergadering van 2006 de problemen vast waar het paard dat gedwongen wordt tot de rollkur, tegenaan kan lopen: Samenpersing van de weke delen van keel en strottenhoofd, waardoor de ademhaling belemmerd kan worden. Een endoscopisch onderzoek, uitgevoerd door dierenarts Ulf-Michael Stumpe, bracht alarmerende resultaten aan het licht. Bepaalde haarvaten rond de keel sprongen onder druk. Ademhaling en bloedcirculatie van het paard worden beïnvloed bij iedere hoofd- en halshouding anders dan de natuurlijke, waarbij die van de rollkur de meeste schade aanricht. De ademhaling van paarden in rollkur wordt luider. Beperking van het gezichtsveld. Om voor zich te kunnen blijven zien, draait het paard de ogen naar voren, wat pijn veroorzaakt. Deze beperking van het zicht zou wel eens de belangrijkste bron van stress kunnen zijn in de rollkur, waardoor paarden met het hoofd gaan schudden om hieraan te kunnen ontsnappen. Op lange termijn: overbelasting van de wervels. Gebruik van een strakke neusriem om het effect te versterken en te verhinderen dat het paard de mond openspert om onder de druk van het bit op de kaak uit te komen. Om dit te voorkomen is de hoge neusriem zonder sperriempje zeer geschikt. Beschadiging van zenuwweefsel in het bovenste deel van de wervelkolom; Degeneratie van de tussenwervelschijf in de halswervels. Net als bij de mens versmalt de nek als deze verlengd wordt, terwijl buiging de nek verbreedt. Ontstekingen in de hals en de onderkaak. Gabriele Pochhammer (St. Georg) merkt op dat sommige paarden in de rollkur bulten vertonen bij de basis van de nek en zwellingen bij de hoofd-halsovergang ter hoogte van de onderkaak. Door het aanhoudend trekken aan de teugels om de neus achter de loodlijn en de mond vlak bij de borst te krijgen, zal het paard in de rollkur door aangeleerde hulpeloosheid deze houding aannemen, zelfs als de ruiter dit niet wil.

Vraagstuk van dierenwelzijn

Het is moeilijk na te gaan of de, al dan niet gedwongen, rollkurhouding onder een ruiter pijn of blessures bij het paard kan veroorzaken. Kenmerkend voor het paard is dat het weinig signalen afgeeft als reactie op pijn, waardoor pijn moeilijker te ontdekken is. De geschatte tijdsduur waarvoor de rollkur gevraagd of geëist kan worden is zeer variabel. De kortste schatting is 20 tot 30 seconden, de hoogste, waaronder die van Nederlandse veeartsen, bedragen 20 tot zelfs 30 minuten. Ook de standpunten met betrekking tot de schadelijkheid van de rollkur voor paarden lopen uiteen. Veearts Gerhard Heuschman is van mening dat het de halswervels beschadigt, en hij wordt hierin ondersteund door röntgenfoto's. In 2006 presenteerde dr. Emile Weller echter röntgenfoto's van twee olympische paarden, Bonfire en Salinero, die getraind waren in rollkur en die volgens hem 'een bijna perfecte structuur in het nekgebied' lieten zien. Ook dr. René van Weeren is van mening dat een goede ruiter een paard niet kan 'verpesten' met de rollkur. Verschillende op deze manier opgeleide paarden hebben immers medailles gewonnen, soms wel op drie opvolgende Olympische spelen, wat getuigt van een lange sportieve carrière.