Paul Vanderschaeghe (Handzame, 28 november 1930 - Sijsele, 19 september 2001) was een Vlaams schrijver en leraar.
Levensloop Vanderschaeghe werd licentiaat Germaanse talen aan de Rijksuniversiteit Gent. Hij werd leraar Nederlands in het middelbaar onderwijs in Brugge: Hemelsdale (1954-1995) en Stedelijke Kunstacademie (1960-1983). Van 1990 tot 1999 werkte hij mee aan de schrijversacademie van de vzw volkshogeschool Moritoen.
Publicaties Verzen Variaties, 1950. Odin, 1952. Ogenblikken, 1953. Het geslepen hart, 1954. Oogappeltjes, 1957. Great getting-up morning, 1963. Tweemaal, 1966. Verlenglijn van het genezen, 1971. Poëgrafieken, 1974. Van mijn adem bevrijd, 1975. Hoe de bijen elkaar bevloeien, 1976. Belijdenis in een schemering, 1979 Zo blind staat de dichter, 1981. Brugge, 1983.
Romans en verhalen Vergeef mij Kajafas, 1960. De twee honden, 1968. De straat waarin je leeft, 1969. Kelner, herken je me?, 1969 Op het kantje af, 1971. De angstbel, 1971 Op de spiegel gezet, 1972. Havikshorst, 1974. De magere morgen, 1978. Een merel met gespleten bek, 1993. Kleine suite voor Jef Innegraeve, 1998.
Studies Male, stede ende paercke, 1987. Hanzame-Edewalle-Kortemark-Zarren-Werken, streekkalender, 1995. Male, streekkalender, 1997.
Daarnaast publiceerde hij jeugdboeken (o.m. Het gestolen fonteintje, 1974), vertalingen, bloemlezingen, essays, inleidingen (Zo blind staat de dichter, 1981), tekstuitgaven en monografieën (o.m. Ernest Hemingway, 1958).
Literatuur Raf SEYS, Van Walther Vanbeselaere tot Mariette Vanhalewijn, VWS-cahier 57-58, 1975. Fernand BONNEURE, Paul Vanderschaeghe, inː Lexicon van Westvlaamse schrijvers, Deel I, Torhout, 1984. Luc DECORTE, Gerard Soete en Paul Vanderschaeghe ter nagedachtenis, inː Brugge die Scone, 2001. Jan VAN DER HOEVEN & Jooris VAN HULLE, Paul Vanderschaeghe, VWS-cahiers nr. 227, 2005.
Categorie:Vlaams schrijver Categorie:20e-eeuws schrijver