| style="background-color:#e3e3e3;" align="center" colspan="2"| NASA Artemis-ruimtevluchtArtemis I |- | colspan="2" align="center" | 150px |- | colspan="2" align="center" | 150px |- | colspan="2" align="center" | SLS-Orion. |- ! Type ruimtvaartuig: | Orion |- ! Naam/serie nr. voertuig: | Orion 002 |- ! Draagraket: | SLS-block I |- ! Lander: | n.v.t. |- ! Aantal bemanningsleden: | 0 |- ! Lanceerbasis: | Kennedy Space Center |- ! Lanceerplatform: | LC-39B |- ! Lanceervenster: | 12 - 27 november 2022 |- ! Lanceerdatum: | 16 november 2022 06:47 UTC |- ! Eerdere lanceerpogingen: | 29 augustus en 3 september 2022 |- ! Aankoppeling Lunar Gateway: | n.v.t. |- ! Maanlanding: | n.v.t. |- ! Landingsplaats aarde: | Grote Oceaan nabij Neder-Californië (Mexico) |- ! Landingsdatum aarde: | 11 december 2022, 17:39 UTC |- ! Missieduur: | 26 dagen |- ! Doel vlucht: | Onbemande testvlucht SLS-Orion, orbitale baan om de Maan |- ! Secondaire missie: | Afzetten dertien CubeSats |} miniatuur|Het beoogde traject van Artemis 1 Artemis I, tot mei 2019 bekend als Exploration Mission 1Tweet van Loren Grush, Twitter, 17 mei 2019. Gearchiveerd op 25 september 2019. (EM-1) was de eerste vlucht onder NASA’s Artemisprogramma, de tweede onbemande ruimtevlucht van NASA's Orion-ruimtecapsule en de debuutvlucht van het Space Launch System. De succesvolle vlucht werd op 16 november 2022 gelanceerd vanaf het Kennedy Space Center. De Orioncapsule vloog vervolgens drie rondes om de Maan waarvan een op grote afstand en landde 26 dagen later op 11 december 2022 in de Grote Oceaan voor de kust van Mexico.

Missie De Artemis I-missie wordt uitgevoerd met de eerste lancering van een Space Launch System-raket in de Block I-configuratie. Het is de tweede lancering van een Orion-capsule, maar de eerste met alle systemen aan boord die is gebouwd volgens het eindontwerp en niet als prototype geldt. Ook is het de eerste lancering vanaf complex LC-39B van het Kennedy Space Center sinds Ares I-X in 2009. Tijdens de 26 dagen tellende vlucht zal men de gedeeltelijk aanwezige lifesupport-systemen en de eveneens debuterende Europese servicemodule testen.

In 2019 werd NASA’s Artemisprogramma opgestart. Daarmee wilde NASA aanvankelijk al in 2024 een bemande maanlanding uitvoeren (dit wordt later). Alle reeds geplande SLS-Orion-testvluchten werden daarbij in het Artemisprogramma ondergebracht en de aanvankelijke naam Exploration Mission 1 werd veranderd in Artemis 1.

Zo’n twee uur na de lancering zal de bovenste rakettrap een Aarde-verlatingsstoot uitvoeren om trans lunar injection, een overgangstraject naar de Maan, te bereiken. Na vijf dagen zal de Orion voor het eerst dicht langs de Maan vliegen waarop deze zich in een elliptische ruime retrograde baan om de Maan zal manoeuvreren. Daarbij wordt een afstand van ruim 60.000 kilometer voorbij de Maan bereikt; nooit eerder vloog een capsule zo ver van de Aarde. Na een verblijf van twee weken in die baan zal de Orion weer terugkeren naar een traject dicht langs de Maan dat de Orion een zwaartekrachtslinger terug naar de Aarde geeft. Voor de terugkeer op Aarde zal de servicemodule worden afgekoppeld. Tijdens de terugkeer in de dampkring zal het hitteschild van de Orion voor het eerst aan de volledige terugkeersnelheid en bijbehorende hitte van een maanmissie worden blootgesteld.

Een verschil met een bemande missie is dat wanneer er zich tijdens de fase direct na de lancering een defect als het uitvallen van een van de boordcomputers of defect zonnepaneel voordoet, de vlucht toch wordt doorgezet omdat er veel meer testdoelen te behalen zijn.

Naast het lanceercontrolecentrum op het Kennedy Space Center (Florida) en het vluchtcontrolecentrum op het Johnson Space Center (Houston) is er ook een vluchtcontrolecentrum in Noordwijk actief dat de Europese servicemodule op gedetailleerder niveau volgt.

Aan boord van de Orion is een dummy die moet meten door hoeveel kosmische straling een vrouwelijk lichaam wordt geraakt tijdens een missie buiten de Vanallengordels.

Secundaire missie Behalve de Orion-capsule werden er ook tien CubeSats gelanceerd. Deze waren in de Orion-adapterring van de tweede trap van de draagraket geplaatst en werden in hun traject afgezet na het loskoppelen van de Orion. De adapterring biedt overigens ruimte aan maximaal dertien CubeSats.

miniatuur|De SLS/Orion-adapterring met 13 CubeSats. Vooraf aan het lanceervenster van september/oktober 2022 waren er zorgen over vijf van de tien CubeSats. Mogelijk was de tijd tussen de installatie in de raket en de lancering te lang geweest en waren de accu’s daardoor ontladen waardoor ze niet meer kunnen werken. De andere satellieten werden vanuit de raket van elektriciteit voorzien. Doordat de raket in oktober terug ging naar het VAB konden de accu’s in die periode worden bijgeladen.

Uiteindelijk was de lancering voor zes van de tien CubeSats succesvol. Met vier CubeSats werd of geen contact gemaakt dan wel te laat contact gemaakt waardoor ze hun taak niet meer konden uitvoeren.

Onderzochte alternatieven Bemannen EM-1 Op 15 februari 2017 (een kleine maand na het aantreden van president Trump) verzond waarnemend NASA-administrator Robert Lightfoot een memo waarin hij een onderzoek gelastte naar de mogelijkheid van het bemannen van vlucht EM-1. Dit zou EM-1 vertragen maar missie EM-2 overbodig maken. Dit was echter omstreden en gaf aan dat de regering-Trump bereid leek te zijn meer risico te nemen en de zaken te versnellen. Bemanning op vlucht EM-1 had volgens toenmalig hoofd bemande ruimtevaart van NASA Bill Gerstenmaier alleen zin gehad als de vlucht uiterlijk in 2019 zou plaatsvinden. De missie zou dan 8 tot 9 dagen duren en een vergelijkbare baan volgen als Apollo 8. Op 12 mei 2017 werd bekendgemaakt dat EM-1 onbemand zou blijven.

Andere draagraket Nadat bezuinigingen door het Amerikaans Congres op doorontwikkelingen van het SLS en nieuwe vertragingen van de bouw van de eerste raket bekend werden, had NASA’s directeur Jim Bridenstine op 13 maart 2019 aangegeven te overwegen EM-1 met commerciële draagraketten te lanceren.Tweet van Jim Bridenstine, Twitter, 13 maart 2019. Gearchiveerd op 25 september 2019. Het plan was dan de Orion met een eerste draagraket in een baan om de Aarde te brengen en met een tweede raket een volledig getankte rakettrap die als Aarde-verlatingstrap moet functioneren in de ruimte te brengen, waarna de Orion en de rakettrap koppelen en samen het traject naar de Maan vervolgen. Met dit plan hoopte Bridenstine EM-1 toch in 2020 te kunnen lanceren. Er was nog geen koppelingsmechanisme ontwikkeld. Dat had dan dus in een jaar tijd moeten gebeuren. Bridenstine was overtuigd van de kracht van Amerikaanse ruimtevaartbedrijven om dit te bewerkstelligen. Een verkennend onderzoek zou een week later al klaar zijn.

Twee weken later gaf Bridenstine tijdens de vijfde vergadering van de National Space Council aan dat EM-1 toch met het SLS wordt gelanceerd. Boeing had een manier gevonden om tijd te besparen door de raket op het lanceerplatform op het Kennedy Space Center te testen in plaats van op de testinstallatie van het Stennis Space Center, waardoor de logistieke operatie inkort. Bovendien, zo legde Bridenstine op 1 april 2019 tijdens een zogenaamde “town hall meeting” voor NASA-personeel uit, was geen van de plannen die technisch konden werken voor 1 juni 2020 te realiseren. Van dit plan werd later toch afgezien. Wel worden plannen voor Falcon Heavy met een toegevoegde cryogene Upperstage verder uitgewerkt als alternatief voor latere missies.EM1 alternative study overview, fragment van de town hall meeting op YouTube-kanaal van NSF eerder live uitgezonden op NASA-TV, 1 april 2019

Assemblage In augustus 2019 was de meeste hardware voor de vlucht af. Er moesten echter nog wel tests worden uitgevoerd voor deze lanceerwaardig zou worden gekeurd.

Draagraket De Interim Upperstage van de SLS-Block I werd op 7 maart 2017 naar het Kennedy Space Center overgebracht. Het testen en kwalificeren van de vier RS-25-hoofdmotoren waren in oktober 2017 afgerond. Op 25 augustus 2019 was de bouw van SLS-Corestage CS-1 voltooid.Tweet van Jim Bridenstine, Twitter, 25 augustus 2019. Gearchiveerd op 25 september 2019. Op 26 augustus werd ook de voltooiing van de tien segmenten van de boosters gemeld. Op 8 november 2019 waren de vier hoofdmotoren op de SLS-Corestage gemonteerd.

Op 9 januari 2020 verliet de afgebouwde SLS-Corestage NASA’s Michoud Assembly Facility in New Orleans om met NASA’s schip de Pegasus naar het Stennis Space Center te worden gevaren voor de green run test die daar moet plaatsvinden. Op 22 januari werd de Core-stage op testinstallatie B-2 geplaatst., SLS Core Stage in Stennis B-2 Stand to start Green Run campaign, NSF, 25 januari 2020. Gearchiveerd op 7 augustus 2020.

Op 12 juni 2020 kwam een trein met de tien boostersegmenten voor de sideboosters van de SLS-raket aan op het Kennedy Space Center. Als extra vracht vervoerde deze trein ook dummy-Common Booster Segments vanuit dezelfde Northrop Grumman-fabriek die als trainingsmateriaal zouden worden ingezet voor de drie maanden later geannuleerde raket OmegA, een nieuw type raket dat eveneens in het Vehicle Assembly Building in elkaar zou worden gezet en vanaf hetzelfde lanceercomplex zou worden gelanceerd.

Servicemodule

Eind 2018 werd de Europese servicemodule (ESM)| naar de Verenigde Staten getransporteerd. Op 5 augustus 2019 werd de hoofdmotor van de servicemodule ontstoken tijdens een kwalificatietest in een testopstelling.Hotfire! Orion spacecraft service module completes critical propulsion test, YouTube-kanaal NASA, 6 augustus 2019 Dit betreft een aangepaste AJ10-190 afkomstig van Spaceshuttle Atlantis.

Orion

Met de bouw van de Orion-capsule voor EM-1 werd in januari 2016 aangevangen en eind juli 2019 was de Orion-capsule voltooid., First moon-bound Orion crew capsule declared complete, major tests remain, Spaceflight Now, 22 juli 2019. Gearchiveerd op 13 mei 2021. Op 12 november 2019 waren de Orion-capsule en de servicemodule op elkaar geplaatst en was deze combinatie voltooid. Op 13 augustus 2020 werd de Orion aan de SLS-Orion-adapter bevestigd. NASA Begins Installing Orion Adapter for First Artemis Moon Flight, NASA, 13 augustus 2020. Gearchiveerd op 4 januari 2022. Op 1 september 2020 maakte NASA bekend dat Orion was gecertificeerd voor Artemis I.Orion Program Completes Key Review for Artemis I, NASA, geraadpleegd op 8 september 2020. Gearchiveerd op 20 september 2020.

Op 30 november 2020 bleek een onderdeel van een van de acht stroom- en data-apparaten van de Orion-capsule defect. Er zou door Lockheed Martin een plan worden gemaakt om dit zeer moeilijk te bereiken onderdeel te vervangen. Op 17 december deelde NASA mee dat ze het onderdeel niet vervangen omdat er voldoende reservesystemen voor een onbemande vlucht in Orion aanwezig zijn.

Op 14 januari 2021 werd de volledig afgebouwde Orion uit zijn assemblagestandaard gehesen en overgedragen aan het team grondsystemen dat de Orion zal klaarmaken en op de raket zal monteren. Op 16 januari werd de Orion overgebracht naar het Vehicle Assembly Building (VAB).

Operationalisering Het mobiele lanceerplatform voor de SLS-Block I werd in de zomer van 2018 voltooid. Eind oktober 2020 werd het mobiele lanceerplatform voor de laatste maal getest op LC-39B en terug naar het Vehicle Assembly Building (VAB) gereden. Ondertussen werd de Mississippi-delta voor de vierde keer in enkele maanden door een orkaan (Zeta) getroffen waardoor de testinstallaties op het Stennis Space Center reparaties nodig hadden en de green run test nog meer vertraging opliep.