Pyrrhus' invasie van de Peloponnesos in 272 v.Chr. was een invasie in Zuid-Griekenland door Pyrrhus, de koning van Epirus. Hij stond tegenover Macedonië en een coalitie van Griekse poleis, waarvan Sparta de bekendste was. De oorlog eindigde in een overwinning voor Macedonië en Sparta.
Nadat hij in de Pyrrhische Oorlog was verslagen door de Romeinse Republiek besloot Pyrrhus om zijn aandacht nu te richten op Griekenland. Hij verklaarde de oorlog aan Antigonos Gonatas van Macedonië, versloeg hem in een snelle veldtocht en riep zichzelf uit tot koning van Macedonië. In 272 v.Chr. ging Pyrrhus ermee akkoord om de afgezette Spartaanse prins Cleonymus te helpen om hem van de Spartaanse troon te verzekeren.
Pyrrhus marcheerde met zijn leger door Centraal-Griekenland en toen hij de Peloponnesos bereikte, viel hij Sparta aan. De stad werd op dat moment amper verdedigd omdat het grootste deel van haar leger met koning Areus I naar Kreta was vertrokken. De Spartanen, onder leiding van kroonprins Acrotatus, konden de aanvallen van Pyrrhus enige tijd tegenhouden totdat Macedonische versterkingen en Areus' leger aankwamen om de verdedigers te ontzetten.
Na de aankomst van de ontzettingsmacht hief Pyrrhus het beleg op en maakte zich klaar om in Laconië te overwinteren. Maar hij werd door een burger uit Argos aangesproken, die om zijn hulp vroeg om de regering van Argos omver te werpen. In de hoop hier voordeel uit te halen trok Pyrrhus met zijn leger naar Argos, onderweg constant aangevallen door de Spartanen. Toen hij Argos onder de dekking van de nacht probeerde te veroveren, werd hij door zijn tegenstanders uit Argos aangevallen. In de hieropvolgende gevechten sneuvelde Pyrrhus. Zijn dood zorgde ervoor dat zijn leger capituleerde en dat de hegemonie van Macedonië werd hersteld over Griekenland.
Achtergrond
thumb|Overzicht van de Pyrrhische Oorlog Omdat de Griekse polis Tarentum de hulp vroeg van Pyrrhus viel hij Italië binnen met een leger bestaande uit 25.000 man en 20 oorlogsolifanten.Plutarchus, Pyrrhus 13-15. Het doel van de expeditie was om de uitbreidingsdrang van de Romeinse Republiek tegen te gaan. Omdat deze sterk bezig was geweest om de Griekse poleis van Magna Graecia te annexeren. Toen hij aankwam in Italië in 280 v.Chr.Plutarchus, Pyrrhus 16-7. nam Pyrrhus de leiding over een leger bestaande uit de Grieken van Magna Graecia. Nadat hij deze legers had toegevoegd aan zijn eigen leger, kon hij de Romeinen verslaan in de slag bij Heraclea. Deze overwinning zorgde ervoor dat er een aantal Italische volkeren zoals de Samnieten en de Lucaniërs naar hem overliepen. Pyrrhus marcheerde daarom naar Rome en in de slag bij Asculum versloeg hij een ander Romeins leger.
Ondanks het feit dat hij de Romeinen had verslagen in deze veldslagen, had Pyrrhus zware verliezen geleden. Omdat zijn Italische bondgenoten begonnen te aarzelen, stopte hij zijn veldtocht tegen Rome.Plutarchus, Pyrrhus 21. Op dit moment had Pyrrhus twee opties. Ten eerste kon hij terugkeren naar Griekenland waar de troon van Macedonië leeg was gebleven na de dood van koning Ptolemaeus Ceraunus door de Gallische invasie in Griekenland. Pyrrhus had al even kort aanspraak gemaakt op de Macedonische troon en kort had bezet van 287 tot 285 v.Chr. Als tweede optie kon hij de Griekse steden op Sicilië helpen die zijn hulp vroegen om de Carthagers te verslaan.
Uiteindelijk besloot Pyrrhus in 278 v.Chr. om zijn leger te gebruiken in de oorlog tegen de Carthagers op Sicilië. Pyrrhus' veldtocht in Sicilië was zeer succesvol en hij kon hen al snel terugdrijven naar het fort Libyaeum, op het uiterste westpunt van Sicilië. Ondanks deze overwinningen begon Pyrrhus' gedrag de Sicilianen sterk te irriteren en daarom verliet hij Sicilië. Hij keerde terug naar Rome en viel het Romeinse leger aan bij Beneventum, maar deze veldslag bleef onbeslist. Daarom keerde hij terug naar Epirus.Plutarchus, Pyrrhus 25. Hoewel Pyrrhus een garnizoen achterliet in Tarentum, gaf de stad zich over in 272 v.Chr. aan Rome.
Oorlog tegen Macedonië Toen hij teruggekeerd was naar zijn vaderland bevond Pyrrhus zich in een lastige positie. Zijn vertoeven in Italië had de schatkist geleegd en zijn leger verzwakt, wat hem afhankelijk maakte van zijn Siciliaanse huurlingen die veel geld vroegen. Om geld te kunnen krijgen om zijn troepen te kunnen betalen, plande Pyrrhus een oorlog tegen Antigonos II Gonatas, de nieuwe koning van Macedonië. Volgens Pyrrhus was de oorzaak van deze oorlog het feit dat Antigonos hem niet had willen steunen in zijn oorlog tegen Rome. Pyrrhus viel Macedonië binnen in de lente van 274 v.Chr. met een leger bestaande uit 8.000 infanterie en 500 cavalerie, maar hun aantal werd nog aangevuld door Gallische huurlingen.
In het begin had Pyrrhus zijn invasie van Macedonië gezien als een kans om het gebied te plunderen.Plutarchus, Pyrrhus 26. Toen hij echter vele steden had kunnen innemen en er 2.000 Macedonische soldaten naar hem waren overgelopen veranderde hij zijn doel in het veroveren van de Macedonische troon. Antigonos marcheerde met zijn leger naar West-Macedonië en viel Pyrrhus aan bij de Aous. Pyrrhus begon de veldslag met het vernietigen van Antigonos' Gallische achterhoede. Gedemoraliseerd door deze plotselinge tegenslagen liepen de Macedonische phalangisten over naar Pyrrhus. Antigonos kon ontsnappen naar Thessaloniki met een kleine eenheid cavalerie. Hij kon zich hier verschansen, verdedigd door zijn sterke vloot die hem in staat stelde om zijn bezittingen in Zuid-Griekenland te behouden.
Antigonos' vlucht zorgde ervoor dat Pyrrhus de volledige controle over het Macedonië en Thessalië. Maar niet heel Macedonië had zich overgegeven aan de Epirotische koning en hij was gedwongen om zijn generaal, de Spartaanse prins Cleonymus op weg te sturen om Edessa te veroveren. Hoewel hij in het begin werd verwelkomd met enthousiasme door de Macedoniërs, werd hij vervreemd door hen omdat zijn Gallische troepen de koninklijke Macedonische tombes te Aigai hadden geplunderd. In 274/273 v.Chr. verzekerde Pyrrhus zich van de verovering van Macedonië en keerde terug naar Epirus, en hij liet Ptolemaeus achter in het zopas veroverde koninkrijk om het te besturen.
Mars naar de Peloponnesos thumb|Kaart van de Peloponnesos. Pyrrhus marcheerde van Achaea naar het noorden van Sparta voor hij terugkeerde naar het noordoosten naar Argos. Na zijn overwinning op de Macedoniërs werd Pyrrhus benaderd door zijn officier Cleonymus. De Spartaan overtuigde de Epirotische koning om hem te helpen om de controle over zijn vaderland te verkrijgen. Cleonymus' reden om Sparta aan te vallen was tweedelig. Ten eerste was hij boos dat hij over het hoofd was gezien voor het koningschap van Sparta ten voordele van zijn neef, Areus II. Volgens Plutarchus was de reden hiervoor dat Cleonymus een erg gewelddadig karakter had. Verder was Cleonymus het middelpunt van spot geworden in Sparta door het feit dat zijn vrouw, Cheilonis, een affaire had met Acrotatus, de zoon van Areus.
Pyrrhus' reden om met dit voorstel akkoord te gaan is iets complexer. Door Cleonymus op de troon te zetten, zou de Epirotische koning Sparta als een bondgenoot hebben. Bovendien zou Pyrrhus door de Peloponnesos aan te vallen de steden die loyaal waren gebleven aan Antigonos kunnen onderwerpen. Zo zou hij Antigonos kunnen verhinderen om het schiereiland te gebruiken als een basis waaruit hij een tegenaanval op Macedonië kunnen organiseren. De grootte van zijn leger geeft aan dat het Pyrrhus' intentie was om zijn hegemonie uit te breiden in de Peloponnesos. De koning verzamelde een leger bestaande uit 25.000 man infanterie en 2.000 cavalerie waarbij er nog 24 oorlogsolifanten werden toegevoegd. In 272 v.Chr. marcheerde Pyrrhus' leger door Centraal-Griekenland naar de stad Pleuron in Aetolië, van waaruit Pyrrhus het de Golf van Korinthe liet oversteken, naar de Peloponnesos. Dit toont aan dat de invasie werd gesteund door de Aitolische Liga, een machtige confederatie in Centraal-Griekenland dat zich vijandig gedroeg tegenover Antigonos.
Antigonos probeerde om Pyrrhus' afwezigheid in Macedonië uit te buiten door een invasie te lanceren om zijn koninkrijk te heroveren. Zijn aanval op Macedonië echter was onsuccesvol omdat hij werd verslagen in een veldslag door Pyrrhus' zoon, Ptolemaeus. Onverstoord door Antigonos aanval marcheerde Pyrrhus de Peloponnesos binnen waar hij verwelkomd werd in Achaea. Het Epirotische leger marcheerde naar Megalopolis, een Peloponnesische stad die aan de grens van Sparta lag. Verschillende van Sparta's buren, zoals Megalopolis, Elis en veel van de Achaeïsche poleis, steunden Pyrrhus' veldtocht omdat ze zouden profiteren van de afname van Sparta's macht in de regio. Terwijl zijn leger zich in Megalopolis bevond, ontving Pyrrhus ambassadeurs uit Messene, Athene, de Achaeïsche Bond en Sparta zelf.Plutarchus, Pyrrhus 17. Pyrrhus kon de ambassadeurs uit Sparta echter bedriegen. Hij vertelde hen dat hij was gekomen om de steden die onder Antigonos' controle vielen te bevrijden en dat hij hoopte dat hij zijn zonen naar Sparta kon sturen om hen een opvoeding in de agoge te geven. Toen de gezanten echter terugkeerden naar Sparta viel Pyrrhus Laconië binnen. Hij ging naar het zuiden, waarbij hij de stroom van de Eurotas volgde en de landen van de Spartaanse Perioiken vernielde. Op dit moment stuurde Pyrrhus Cleonymus ook als commandant eropuit om de stad Alifeira in Elis als de stad Zarax te veroveren. Pyrrhus' verraad werd met woede ontvangen in Sparta en er werden onmiddellijk nieuwe ambassadeurs naar hem gestuurd om hem terecht te wijzen.
Beleg van Sparta left|thumb|Een buste van Pyrrhus. Pyrrhus' ambitie en roekeloosheid leidden uiteindelijk tot zijn dood in Argos. De Spartanen waren niet voorbereid op Pyrrhus' invasie. Areus had het grootste deel van het Spartaanse leger meegenomen naar Kreta, waar hij een veldtocht hield tegen Gortyna, op vraag van het Ptolemaeïsche Egypte. Het resultaat was dat het dorp niet goed verdedigd was. Toen Pyrrhus aankwam bij Sparta op het moment dat de nacht inviel, raadde Cleonymus hem aan om de stad onmiddellijk aan te vallen. De Epirotische koning echter weigerde omdat hij vreesde dat zijn Gallische troepen te veel schade zouden doen als ze de stad zouden binnenkomen in de nacht en bovendien verwachtte hij dat de stad zich zou overgeven in de ochtend omdat ze zo slecht verdedigd was.Plutarchus, Pyrrhus 27.
De Spartaanse raad van Ouderen, de Gerousia, suggereerde dat de Spartaanse vrouwen naar Kreta moesten gezonden worden voor hun veiligheid. Ze werden dit echter afgeraden door Arachidamia, de vroegere koningin van Sparta en de grootmoeder van de Spartaanse koning Eudamidas II, die hen overtuigde dat de vrouwen konden helpen om de stad te verdedigen.Plutarchus, Pyrrhus 28. De verdedigers groeven diepe greppels om de olifanten tegen te houden en beschermden hun flanken met karren om de Epirotische aanval te hinderen. Er werden ook boodschappers gestuurd naar Areus om hem te vragen om terug te keren en om hulp te vragen aan Antigonos, ondanks het feit dat Sparta en Macedonië vroeger elkaar vijandig gezind waren.
Pyrrhus lanceerde zijn eerste aanval tegen de stad bij het krieken van de dag. Ze konden echter niet doorbreken door de greppel en werden teruggedreven door de verdedigers, die aangemoedigd werden door de vrouwen. Om dit obstakel te vermijden beval Pyrrhus 2.000 uitgekozen om rond de greppel te gaan. Ze zagen dat hun pad echter was geblokkeerd door de karren, en daarom begonnen ze ze weg te duwen. Acrotatus, die besefte dat hij in gevaar was, viel de Galliërs aan en dreef hen in de greppel, waardoor ze hen zware verliezen bezorgden. Omdat hij niets had bereikt met zijn aanval, beval Pyrrhus zijn troepen om zich terug te trekken.
thumb|Een muntstuk waarop koning Areus van Sparta staat afgebeeld, door wiens aankomst Sparta werd gered van Pyrrhus.