Indiaanse cultuurgebieden zijn gebieden in Noord-Amerika en Zuid-Amerika waarin de culturen van de inheems-Amerikaanse volken die daar leven en leefden een groot aantal culturele kenmerken delen.
Sinds het einde van de 19e eeuw hebben diverse antropologen zich beziggehouden met het classificeren van de indiaanse volken en culturen in cultuurgebieden. Hun voorstellen verschillen onderling niet alleen in het aantal cultuurgebieden dat ze onderscheiden, maar met name ook in de precieze grenzen tussen de cultuurgebieden.
Geschiedenis van de classificatie Een veelgebruikte indeling van de Noord-Amerikaanse indianen is die van de Amerikaanse antropoloog Alfred L. Kroeber uit 1939, die tien Noord-Amerikaanse cultuurgebieden onderscheidde. Ten zuiden van deze Noord-Amerikaanse cultuurgebieden ligt het Meso-Amerikaanse cultuurgebied. In Zuid-Amerika onderscheidt men vaak vier verschillende cultuurgebieden. Die indeling werd in 1942 gebruikt door etnoloog John Cooper en overgenomen voor het Handbook of South American Indians.
De Amerikaanse antropoloog Otis Mason onderscheidde in 1895 18 verschillende indiaanse cultuurgebieden: Het Arctische gebied, het Athabaskische gebied, het Algonkische gebied, het Irokese gebied, het Muskogese gebied, de Vlakten van het Grote Westen, de noordelijke Pacifische kust, het drainagegebied van de Columbia, het Grote Bekken, Californië-Oregon, het Pueblogebied, Midden-Amerika, het Andesgebied, de Atlantische hellingen van de Andes, Oost-Brazilië, Centraal-Brazilië, Argentinië-Patagonië en Vuurland.
In 1899 publiceerde Mason een gewijzigde lijst met 17 cultuurgebieden: Het Arctische gebied, het Canadese gebied, het Golfgebied of Louisiana, de Vlakten, Zuidoost-Alaska, het gebied van de Columbiarivier, het Grote Bekken, Californië, het Pueblogebied, Midden-Amerika, de Antillen, de Cordillera, de bovenloop van de Amazone, Oost-Brazilië, de Mato Grosso, Argentinië-Patagonië en Vuurland.Harris, Marvin (2001, updated edition). The Rise of Anthropological Theory: A History of Theories of Culture, p.374. Gearchiveerd op 7 augustus 2023.
thumb|Indiaanse cultuurgebieden naar Clark Wissler, uit The American Indian (1917) Clark Wissler onderscheidde in The American Indian (1917) de onderstaande vijftien Indiaanse cultuurgebieden. De eerste tien rekende hij tot de Noord-Amerikaanse cultuurgebieden en de laatste vijf tot de Zuid-Amerikaanse cultuurgebieden.The American Indian op Wikisource Vlakten Plateau Californië Noordelijke Pacifische kust Eskimo-regio Mackenzie-regio Oostelijke woudgebieden Zuidoosten Zuidwesten Nahuagebied Chibchagebied (in het noordwesten) Inkagebied Guanacogebied (in het zuiden). Amazonegebied Antillen
In 1939 publiceerde Alfred Kroeber Cultural and Natural Areas of Native North America, waarin hij de culturen van Noord-Amerikaanse indianen verdeelde in 10 cultuurgebieden. Kroebers indeling was erg succesvol en is tegenwoordig het meest gebruikt. Kroeber onderscheidde de volgende regio's: Arctische regio Subarctische regio Noordoosten Zuidoosten Grote Vlakten Plateau Grote Bekken Zuidwesten Noordwestkust Californië
thumb|Zuid-Amerikaanse cultuurgebieden naar Münzel De etnoloog John Cooper onderscheidde in een artikel over Zuid-Amerikaanse culturen in 1942 vier Zuid-Amerikaanse cultuurgebieden, namelijk de Andesbeschavingen, de Marginale stammen, de stammen van het Tropische Woud en de Circumcaraïbische stammen. Julian Steward, een leerling van Kroeber, nam voor het Handbook of South American Indians (1946-1959) deze indeling over en verdeelde de cultuurgebieden van Cooper vervolgens verder in 12 cultuurgebieden: Marginale stammen Zuidelijk Zuid-Amerika De Gran Chaco Oost-Brazilië Andesbeschavingen De stammen van het Tropische Woud De Tupi van de kust en de Amazone Mato Grosso en Oost-Bolivia De Montaña and de Boliviaanse oostelijke Andes Het westelijke Amazonebekken De Guiana's en de linkerzijrivieren van de Amazone. De Circumcaraïbische stammen Centraal-Amerika Het noordwesten van Zuid-Amerika De West-Indische eilanden
In 1978 nam de Duitse etnoloog Mark Münzel deze indeling in gewijzigde vorm over. Hij onderscheidde geen 12, maar 11 cultuurgebieden in Zuid-Amerika.
De onlineversie van de Encyclopædia Britannica maakt ongeveer dezelfde indeling als Cooper en onderscheidt de Zuid-Amerikaanse nomadische culturen (Marginale regio's), de Andesculturen, de Zuid-Amerikaanse culturen van het tropische woud en de culturen van Centraal-Amerika en de noordelijke Andes. De Zuid-Amerikaanse nomadische culturen worden bovendien verdeeld in vijf groepen: de waternomaden; de jager-verzamelaars van het woud; de jager-verzamelaars en vissers van de Gran Chaco; de jager-verzamelaars van de steppen en vlaktes; en de schelpdierverzamelaars.South American Indian op Encyclopaedia Britannica. Geraadpleegd op 11-092-2017. Gearchiveerd op 16 mei 2023.
Noord-Amerika Het Noord-Amerikaanse continent kan opgedeeld worden in:
Noord-Amerika in beperkte zin: Verenigde Staten en Canada Meso-Amerika: Mexico en noordelijk Midden-Amerika Caribisch gebied: geografisch deel van Noord-Amerika maar cultureel sterk verbonden met Zuid-Amerika
Noord-Amerika in beperkte zin
Arctische regio
thumb|Iglo’s De Arctische regio of Arctis is de noordelijkste cultuurregio in Amerika. Het gebied strekt zich uit van Alaska tot aan Groenland en bestaat uit koud en onherbergzaam land. Hier komen de iglo en de kajak vandaan. De bevolking van de Arctis, de Aleoeten, Yupik en Inuit, leefde van de jacht. De Inuit en Yupik worden samen Eskimo's genoemd en spreken evenals de Aleoeten talen van de Eskimo-Aleoetische taalfamilie.
De bevolking van de Arctische regio wordt doorgaans niet tot de indianen gerekend. Ze zijn pas relatief recent Amerika binnengekomen en hebben meer gemeen met de volken in het oosten van Siberië dan met de indianen die ten zuiden van hen wonen.
Subarctische regio
thumb|Nederzetting van de Cree in 1871 De Subarctische regio of Subarctis ligt ten zuiden van de Arctische regio en beslaat het binnenland van Alaska en grote delen van Canada. De Subarctische culturen bevinden zich grotendeels binnen de zone van 5 miljoen km² taiga die zich uitstrekt tussen de arctische toendra in het noorden en de bergen, vlakten en loofbossen in het zuiden, en van Labrador in het oosten tot bijna aan de Beringzee in het westen. Het gebied wordt in het westen bewoond door Athabaskische volken en in het oosten door Algonkische volken, met name de Cree.
De volkeren van de Subarctische regio leefden als jager-verzamelaars in egalitaire samenlevingen met weinig bezittingen. Ze leefden gewoonlijk in bands van 20-30 mensen die aan elkaar verwant waren en samen optrokken in een eigen jachtgebied. In de zomer kwamen verschillende bands samen op plaatsen waar zich voldoende vis of wild bevond om grotere groepen te voeden. In het westen woonden sommige volken, zoals de Deg Xinag, ’s winters in grotere dorpen en gingen ’s zomers in bands uiteen naar de jacht- en viskampen.
Noordoosten
thumb|Replica van een Irokees langhuis. Het Noordoosten, ook wel de Noordoostelijke Woudgebieden genoemd, beslaat het gebied rond de Grote Meren in Canada en de Verenigde Staten, en daarnaast de Atlantische kust van Nova Scotia tot Noord-Carolina. Het gebied wordt voornamelijk bewoond door Irokese en Algonkische volken, die voor het merendeel aan landbouw deden. De volken in dit gebied hebben een belangrijke rol gespeeld in de geschiedenis van de Britse koloniën waaruit later de Verenigde Staten zouden voortkomen. Het Noordoosten wordt soms samen met het Zuidoosten als een enkel cultuurgebied beschouwd, de Oostelijke Woudgebieden. In het verleden hebben verschillende culturen in dit gebied gebloeid, die bekend stonden om de heuvels die ze opwierpen. Hiertoe behoren de Adenacultuur, Hopewellcultuur en Mississippicultuur. De stad Cahokia in Illinois, die tot de Mississippicultuur behoorde, was met 10.000 tot 20.000 inwoners de grootste indiaanse stad ten noorden van het huidige Mexico.
Zuidoosten thumb|Een dorp van de Seminole. Het Zuidoosten strekt zich uit van de Mississippi in het oosten tot de Atlantische Oceaan in het westen, wordt in het noorden begrensd door de culturen van de Noordoostelijke Woudgebieden en in het zuiden door de Golf van Mexico. Het klimaat is in het noorden gematigd warm en in het zuiden subtropisch.
De bevolking van het Zuidoosten leefde van de landbouw en jacht, op de Calusa na, die van de visvangst en verzamelen leefden. De culturen van het Zuidoosten werden onder meer gekenmerkt door een matrilineair verwantschapssysteem en organisatie van de bevolking in verschillende clans.
In het verleden hebben in het Zuidoosten, evenals in het Noordoosten, de Hopewell- en Mississippiculturen gebloeid. De bekendste volken uit het Zuidoosten in historische tijden zijn de vijf beschaafde stammen (Creek, Choctaw, Chickasaw, Cherokee en Seminole), zo genoemd omdat hun bestuur en rechtspraak zich onder Europese invloed hadden ontwikkeld.
Vlakten
thumb|tipi's van de Blackfoot (1900) De indianen van de Vlakten of Prairie-indianen bewoonden voornamelijk de Great Plains in Noord-Amerika. Deze uitgestrekte en bijna boomloze vlakten waren het thuis van enorme kudden bizons, en werden in historische tijden bewoond bewoond door zo’n 30 verschillende volken. Een deel van deze volken leidde een volledig nomadische bestaan. Zij woonden in tipi's en leefden hoofdzakelijk van de bizonjacht. Tot deze volken behoren onder meer de Sioux, Cheyenne, Crows, Kiowa, Comanche en Blackfoot. Andere volken waren semi-sedentair. Zij woonden een deel van het jaar in vaste nederzettingen met huizen van aarde of gras, waar ze landbouw bedreven, en trokken tijdens het jachtseizoen als nomaden over de Vlakten. Onder meer de Pawnee, Mandan en Wichita leidden zo'n bestaan. Tot halverwege de 19e eeuw was een groot deel van de Vlakten nog in indiaanse handen. In de tweede helft van de 19e eeuw werd hun gebied echter gekoloniseerd en werden de indianen gedwongen zich in reservaten te vestigen. Dit ging gepaard met soms bloedige confrontaties, zoals de Sand Creek Massacre (1864) en de Grote Sioux-oorlog van 1876.
Plateau thumb|100px|Tipi van de Nez Percé (1900). Het Plateau, omringd door bergen, is een landschap van heuvels, hoogvlakten, berghellingen en ravijnen. Het gebied wordt afgebakend door de Cascade Range in het westen, die haar scheidt van de volken van de Noordwestkust, en de Rocky Mountains in het oosten, die een scheiding vormen met de indianen van de Vlakten. In het noorden gaat het Plateau over in de beboste Subarctische regio en in het zuiden grenst ze aan het Grote Bekken. Het Grote Bekken en het Plateau worden ook wel samen als een enkel cultuurgebied beschouwd, dat de Intermontane regio genoemd wordt. Het Plateau werd bewoond door volken zoals de Flathead, Pend d'Oreille, Nez Percé, Palouse en Yakama. Veel volken spraken Salishtalen of Sahaptische talen.
De inwoners van het Plateau waren jager-verzamelaars. De meesten van hen woonden in permanente dorpen langs de rivier, en trokken vandaar voor korte periodes naar kampen in het hoogland. Met de komst van het paard werden sommige groepen van het Plateau nomadische bizonjagers. Deze groepen namen veel elementen van de culturen van de Vlakten over, zoals tipi’s.
Grote Bekken
thumb|Een traditionele hut van de Paiute