Grethe Weiser, geboren als Mathilde Ella Dorothea Margarethe Nowka (Hannover, 27 februari 1903 - Bad Tölz, 2 oktober 1970), was een Duitse toneel- en filmactrice.
Jeugd en opleiding Grethe Weiser was de dochter van een bouwondernemer en groeide op in Klotzsche en Dresden. Ze bezocht de Höhere Töchterschule en de Friedelsche Privatschule in Blasewitz.
Op 17-jarige leeftijd trouwde ze met de snoepgoedhandelaar en fabrikant Josef Weiser. Ze woonden vervolgens in Dresden. In 1922 werd een zoon geboren. Nadat haar man het cabaret-theater 'Charlott aan de Kurfürstendamm had gepacht, werkte Grethe Weiser daar haar eerste optredens als diseuse af.
Korte tijd later werd het huwelijk ontbonden en in 1934 was ze gescheiden. Als alleenstaande moeder nam ze zang en toneelonderricht en trad op als soubrette en comédienne in talrijke cabarets, revues en operettes. Van 1928 tot 1930 was ze werkzaam bij de Volksbühne in Berlijn, waarna ze dan in verschillende cabarets en ook als chansonnière optrad. Verdere optredens had ze onder andere in het Thalia Theater in Hamburg en bij het Komödienhaus in Dresden.
Carrière Grethe Weiser had haar filmdebuut in 1927 in de tijd van de stomme film als niet genoemde bijvertolkster. Vanaf 1932 acteerde ze regelmatig als filmactrice. Ze werd veel gevraagd in belangrijke bijrollen als daadkrachtige kamenierster, zoals in Eskapade (1936). Tegelijkertijd had ze als zangeres succesvolle schlagers met chansons als Der Vamp en Emils Hände. De uiteindelijke doorbraak lukte in 1937 met de film Die göttliche Jette van Erich Waschneck, waarin ze een jonge zangeres speelt, die zich met een gezond zelfbewustzijn en met een Berlijns dialect deed gelden en tot een gevierde ster werd. Daarna speelde ze bijna altijd bijrollen in allerlei soorten films, waarin ze echter het totale repertoire van haar komisch talent kon tonen, waaronder in Die große Liebe (1942, Rolf Hansen), Wir machen Musik (1942, Helmut Käutner), Familie Bucholtz (1944, Carl Froelichs) en Die Frau meiner Träume (1944, Georg Jacoby). Het verzoek om toe te treden tot de staf van de Reichstheaterkammer en daarmee van de NSDAP, weerstond ze met succes.
In de na-oorlogse film vond ze snel aansluiting en speelde in talrijke amusementsfilms, vaak als dominante weduwe, resolute tante of gevreesde schoonmoeder. Ze was te zien in Ferien vom Ich (1952, Hans Deppe) als ontspanningsbehoeftige podiumster Käthe Greiser, Meine Kinder und ich (1955), Lemkes sel. Witwe (1957) en So angelt man keinen Mann (1959). Ze acteerde in meer dan 100 films. Tot haar spaarzame optredens bij de radio hoort de komedie Du kannst mir viel erzählen (1949, Ulrich Erfurth), met Heinz Rühmann en Elfriede Kuzmany.
In 1949 speelde ze onder regie van haar vriendin Ida Ehre in Hamburg voor de eerste keer op het podium haar paraderol van Mary Miller in de komedie Das Kuckucksei. Ze speelde deze rol elk decennium en noemde ze derhalve schertsend Oberammergauer Passionsspiele. Eveneens op het podium had ze succes als Mutter Wolffen in de klassieke schavuitenkomedie Der Biberpels (1953, Gerhart Hauptmann). Ook speelde ze in de Duitse première van het theaterstuk Der Meteor in het Thalia Theater in Hamburg als stervende toiletdame Nomsen haar eerste ernstige karakterrol. In deze rol gebruikte ze ongewoon zachte, ernstige en boze geluiden. Deze reis op het ernstige vlak was een uitzondering in haar lange carrière als populaire actrice. Vrolijke theaterstukken vonden in de late jaren 1960 ook de weg naar de televisie. Het ZDF zond talrijke stukken met Grethe Weiser uit. Een van de populairste stukken was Keine Leiche ohne Lily van de Britse podiumauteur Jack Popplewell.
In 1969 begonnen de voorbereidingen voor een nieuwe editie van Das Kuckucksei, dat deze keer ook door het ZDF werd uitgezonden in september 1970. Hieraan waren de opnamen voor de zesdelige tv-reeks Theatergarderobe volgens de draaiboeken van Horst Pillau voorafgegaan. Daarin speelde ze een resolute garderobière, die als goede geest van de acteurs achter de coulissen werkte en voor alle levenshoedanigheden een toepasselijke raad op de lippen had.
Privéleven en overlijden Sinds 1934 was Weiser met de Ufa-productiechef Herman Schwerin samen, maar het huwelijk werd pas gesloten na 24 jaar in maart 1958.
Grethe Weiser overleed op 2 oktober 1970 op 67-jarige leeftijd aan de gevolgen van een verkeersongeluk in Untersteinbach, waarbij ook haar echtgenoot om het leven kwam. Ze werd onder de naam Grethe Weiser-Schwerin naast haar echtgenoot bijgezet op het kerkhof Heerstraße in Berlin-Westend in een eregraf van de stad Berlijn. Vanaf 1934 bewoonde ze in Bernsdorf een zomerhuis.
Onderscheidingen 1968: Verdienstkreuz des Verdienstordens van de Bondsrepubliek Duitsland
Filmografie
1927: Männer vor der Ehe 1930: Kasernenzauber 1933: Kind, ich freu mich auf Dein Kommen 1933: Gretel zieht das große Los 1934: Schützenkönig wird der Felix 1934: Einmal eine große Dame sein 1935: Frischer Wind aus Kanada 1935: Der Mann mit der Pranke 1935: Einer zuviel an Bord 1935: Lady Windermeres Fächer 1935: Anschlag auf Schweda 1935: Familie Schimek 1936: Martha 1936: Der Raub der Sabinerinnen 1936: Engel mit kleinen Fehlern 1936: Der verkannte Lebemann 1936: Eskapade 1936: Männer vor der Ehe 1936: Hilde und die 4 PS 1936: Fräulein Veronika / Alles für Veronika 1936: Geheimnis eines alten Hauses 1937: Menschen ohne Vaterland 1937: Die göttliche Jette 1937: Meine Freundin Barbara 1937: Mädchen für alles 1937: Gabriele eins, zwei, drei 1938: Unsere kleine Frau 1938: Frauen für Golden Hill 1938: Es leuchten die Sterne 1939: Liebe streng verboten 1939: Ehe in Dosen 1939: Irrtum des Herzens 1939: Verdacht auf Ursula 1939: Hochzeitsreise zu Dritt 1939: Marguerite: 3 1939: Das Glück wohnt nebenan 1939: Die Geliebte 1939: Frau am Steuer 1939: Mein Mann darf es nicht wissen
1939: Rote Mühle 1940: Alles Schwindel 1940: Polterabend 1940: Der rettende Engel 1940: Wie konntest Du, Veronika! 1940: Links der Isar – rechts der Spree 1940: Zwischen Hamburg und Haiti 1941: Krach im Vorderhaus 1941: Oh, diese Männer 1941: Sonntagskinder 1941: Leichte Muse 1942: Die große Liebe 1942: Drei tolle Mädels 1942: Alles aus Liebe (première 1950) 1942: Wir machen Musik 1942: Ein Walzer mit Dir 1944: Familie Buchholz 1944: Neigungsehe 1944: Der Meisterdetektiv 1944: Hundstage 1944: Die Frau meiner Träume 1944: Ich glaube an Dich (première 1950) 1945: Das alte Lied 1948: Morgen ist alles besser 1949: Liebe 47 1949: Amico 1949: Tromba 1949: Nichts als Zufälle 1949: Die Freunde meiner Frau 1949: Artistenblut 1949: 1 x 1 der Ehe 1949: Die Reise nach Marrakesch 1950: Gabriela 1950: Wenn Männer schwindeln 1950: Die Nacht ohne Sünde 1950: Die Dritte von rechts 1951: Hilfe, ich bin unsichtbar 1951: Die verschleierte Maja 1951: Fanfaren der Liebe
1951: Durch Dick und Dünn 1951: Johannes und die 13 Schönheitsköniginnen 1951: Tanz ins Glück 1951: Gangsterpremiere 1952: Der Fürst von Pappenheim 1952: Der keusche Lebemann 1952: Der Obersteiger 1952: Ferien vom Ich 1952: Du bist die Rose vom Wörthersee 1952: Königin der Arena 1953: Der Onkel aus Amerika 1953: Die Rose von Stambul 1953: Hollandmädel 1953: Damenwahl 1953: Die Kaiserin von China 1953: Der Vetter aus Dingsda 1953: Hurra – ein Junge! 1954: Die tolle Lola 1954: Bei Dir war es immer so schön 1954: Die Stadt ist voller Geheimnisse 1954: Mädchen mit Zukunft 1954: Geld aus der Luft 1954: Die sieben Kleider der Katrin 1954: Viktoria und ihr Husar 1954: Keine Angst vor Schwiegermüttern 1955: Premiere im Metropol (tv-film) 1955: Vatertag 1955: Solang' es hübsche Mädchen gibt 1955: Der doppelte Ehemann 1955: Drei Tage Mittelarrest 1955: Mein Leopold / Ein Herz bleibt allein 1955: Meine Kinder und ich 1956: Ein Herz schlägt für Erika 1956: Ein Herz und eine Seele 1956: Ich und meine Schwiegersöhne 1956: Kirschen in Nachbars Garten 1956: Du bist Musik 1956: Süß ist die Liebe in Paris 1956: Der schräge Otto
1957: Die verpfuschte Hochzeitsnacht 1957: Tante Wanda aus Uganda 1957: Das haut hin 1957: Lemkes sel. Witwe 1957: Einmal eine große Dame sein 1957: Liebe, Jazz und Übermut 1957: Casino de Paris 1957: Der Kaiser und das Wäschermädel 1957: Die Beine von Dolores 1958: Zauber der Montur 1958: Scala – total verrückt 1959: Der Haustyrann 1959: So angelt man keinen Mann 1960: Freddy und die Melodie der Nacht 1960: Die junge Sünderin 1960: Wir wollen niemals auseinandergehn 1961: Ach Egon! 1961: Freddy und der Millionär 1962: Wenn die Musik spielt am Wörthersee 1962: Lieder klingen am Lago Maggiore 1963: Ferien vom Ich 1964: Liebesgrüße aus Tirol 1964: Im Tingeltangel tut sich was (tv-film - ZDF, 6. März 1964) 1965: Die Chefin (tv-film) 1965: Jenny und der Herr im Frack (tv-film) 1966: Brille und Bombe: Bei uns liegen Sie richtig! 1967: Keine Leiche ohne Lily (tv-film) 1968: Auftritt in der Rudi Carrell Show (tv-show) 1969: Die Lokomotive (tv-film) 1969: Berlin-Geflüster (tv-show; uitgezonden 1970) 1970: Löwe gesucht (tv-film) 1970: Die lieben Kinder (tv-film) 1970: Das Kuckucksei (tv-film) 1970: So schön wie heut''' (tv-show) 1970: Theatergarderobe (tv-serie; uitgezonden 1971) 1975: Herz mit Schnauze (tv-dokumentatie over Grethe Weiser) 1983: Geliebte Grethe (tv-dokumentatie over Grethe Weiser)
Discografie Chiribiri, tekst en muziek: Ralph Benatzky: Lied der Barsängerin uit het muzikale lustspel Das kleine Café, 1935, Grete Weiser met orkest, dirigent: Willi Lachner, Parlophon Nr. B 97 188-II Eine Weiße mit 'nem Himbeerschuß, muziek: Ralph Benatzky, tekst: Ch. K. Roellinghoff, uit het muzikale lustspel Das kleine Café, 1935, Victor de Kowa in dialoog met Grethe Weiser, begeleiding: orkest van het Duitse Künstlertheater, Berlijn, dirigent: Willi Lachner, Odeon Nr. O-25318 b Uns gefällt diese Welt, muziek: Harald Böhmelt, tekst: Aldo von Pinelli, uit de film Raub der Sabinerinnen, 1936, (regie: Robert Adolf Stemmle), dansorkest met zang: Grethe Weiser, Odeon Nr. Prv. 352 Die Hauptsache ist... chanson uit het lustspel Besuch am Abend, muziek en tekst: Willi Kollo, Grethe Weiser met het Admiralspalast-orkest, dirigent: Werner Albrecht, Grammophon Nr. 47275 b + chanson uit het lustspel Besuch am Abend, muziek en tekst: Willi Kollo, Sag mir schnell gutnacht'', orkest van het theater in het Admiralspalast onder Werner Albrecht 1938
Categorie:Duits acteur