thumb|Het Zeisterbos met op de achtergrond de boswachterswoning thumb|De boswachterswoning rond 1917 (net herbouwd) thumb|De boswachterswoning op een prentbriefkaart In het Zeisterbos bevindt zich het monumentale voormalige boswachtershuis genaamd 't Zwitsershuis. Dit bijzondere huis in Zwitserse chaletstijl is ooit gebouwd rond 1860 als boswachterswoning bij de aanleg van Buitenplaats Pavia, wat weer ooit ontstaan is als afsplitsing van de bekende buitenplaats Beek en Royen.
Geschiedenis Het Zeisterbos was oorspronkelijk onderdeel van de grote gemeenschappelijke heide ('gemeene heyde') tussen Zeist en Amersfoort. Aan het eind van de 17de eeuw werd begonnen met de aanleg van het slotcomplex (Slot Zeist). Op het Slot was een diagonaalas getrokken, die in het begin van de 18de eeuw benut werd als zichtas van de tweede grote buitenplaats in Zeist, namelijk Beek en Royen (Blijdenstijn, 1984). De eerste aanleg en oudste beplanting van het Zeisterbos dateert waarschijnlijk uit de periode 1718–1723.
Omstreeks 1704 kocht de Utrechtse regent Verbeek de gronden aan en stichtte hij de buitenplaats Beek en Royen. De naam is afkomstig van de namen van de oprichters, het echtpaar Hendrik Verbeek en Clara Justine van Royen. Verbeek was toentertijd burgemeester van Utrecht. Hun bezittingen breidden zich vanaf 1730 gestaag uit (deze besloeg in 1771 ruim 300 ha), vooral aan weerszijden van de Laan van Beek en Royen en de Woudenbergseweg. Op deze grond werden parken en bossen aangelegd, waaruit het latere Zeisterbos is ontstaan.
In 1818 werden grote delen van Beek en Royen in kavels verkocht. Het gebied werd in tweeën gesplitst met aan de ene kant van de Driebergseweg het landhuis Beek en Royen en de tuinen en aan de andere kant het Zeisterbos, nog inclusief het huidige Hoog Beek en Royen. Rond 1858 werden de bossen aan de overzijde van de Arnhemse Bovenweg gescheiden van Hoog Beek en Royen. Bij deze afscheiding verscheen in het zuiden van het Zeisterbos de Buitenplaats Pavia met een landschapspark aangelegd door tuinarchitect Jan Copijn. Hier werd de boswachterswoning gebouwd.
't Zwitsershuis Het bosgebied dat bij Pavia hoorde had een landschap met stuifheuveltjes en slingerende paadjes stond al in 1835 bekend als Klein Zwitserland. In het bosgebied lag boven op een hoge stuifheuvel een uitspanning in de Zwitserse chaletstijl. Dit huis is waarschijnlijk rond 1860 gebouwd rond de aanleg van Buitenplaats Pavia als boswachterswoning. Het huis, genaamd 't Zwitsershuis, brandde in 1880 af en werd in 1915 door de gemeente herbouwd in dezelfde stijl.
Het huis is een gemeentelijk monument van de gemeente Zeist en wordt thans bewoond door het hoofd terreinbeheer van Utrechts Landschap.
Hertenbeelden Op de grond behorende bij 't Zwitsershuis bevinden zich twee vlak bij elkaar liggende, levensgrote, zinken edelherten. Deze beelden zijn in naar het zich laat aanzien tussen 1845 en 1851 gegoten in de Fabriek van Gegoten Zink- en Bronswerken in Zeist, eigendom van Ludwig Wilhelm Schütz. Ze zijn in 1843 ontworpen door Christian Daniel Rauch.Klein Zwitserland, Utrechts Landschap Een van deze hertenbeelden heeft gebogen voorpoten; het andere hertenbeeld heeft gestrekte voorpoten. In 1851 stond het hertenbeeld met gestrekte voorpoten op de wereldtentoonstelling in Londen. Sinds de jaren 50 van de twintigste eeuw bevinden de herten zich bij 't Zwitsershuis.
Categorie:Woning in Zeist Categorie:Gemeentelijk monument in Utrecht (provincie)