Frans Pieterszn de Grebber (Haarlem, 1573 - aldaar begraven op 6 maart 1649) was een Haarlemse schilder uit de Gouden Eeuw. Hij was in Haarlem tussen Cornelis Cornelisz. en Frans Hals de meest gewilde schilder van groepsportretten.Riegl, A. (2000) The Group Portraiture of Holland. Getty Publications. p.215
Leven en carrière Zijn vader was de metselaar Pieter Mourings de Grebber. Frans was een leerling van Jacob Savery. Hij trouwde ca. 1599 met Hillegont van Lijnhoven, een zus van de goudsmid Dominicus van Lijnhoven, met wie hij tien kinderen kreeg. Vier hiervan — Pieter, Maria, Maurits en Albert — werden zelf ook kunstenaar. Volgens Houbraken overtrof Pieter de Grebber zijn vader. Frans Pietersz de Grebber in De Groote Schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen (1718) van Arnold Houbraken
De Grebber werd rond 1600 lid van de Haarlemse Sint-Lucasgilde en bleef tot aan zijn dood een belangrijke burger van Haarlem. Volgens Karel Van Mander was hij een goede schilder van landschappen en portretten, en ontwerper van wandtapijten. Frans Pietersz.Grobber in Karel van Manders Schilderboeck, 1604 Hij was bovendien hofschilder voor Frederik Hendrik en Amalia van Solms, en trad daarnaast op als kunstagent voor Peter Paul Rubens tijdens een bezoek aan Antwerpen in 1618. Naast zijn eigen kinderen behoorden Vincent Casteleyn, Peter Lely, Judith Leyster en Pieter Saenredam tot zijn leerlingen.
Voor de Haarlemse rederijkerskamer Trou Moet Blycken schilderde hij een blazoen naar een ontwerp van Hendrick Goltzius.Inventarisatie door Jhr.O. van Lennep beschikbaar op de Trou Moet Blycken website
Categorie:Nederlands kunstschilder Categorie:Beeldende kunst in Haarlem Categorie:Persoon in de Nederlanden in de 17e eeuw