thumb|rechts|Wapen van de familie de Le Hoye of de Lehoye De Le Hoye, ook De Lehoye of De Le Hoye de La Potte, is een Zuid-Nederlandse en Belgische adellijke familie.

Geschiedenis thumb|rechts|Familiegraf in Overijse thumb|rechts|Familiegraf in Nijvel In 1782 werd door keizer Jozef II erfelijke adel verleend aan Maurice de Le Hoye de La Potte (zie hierna) en aan zijn broer François de Le Hoye (vader van Maurice en Louis hierna).

Genealogie Louis Le Hoye (1716-1770), licentiaat in de rechten, baljuw, ontvanger en maire van Eigenbrakel, x Philippine Raymond (1720-1774) Maurice de Le Hoye (zie hierna) François de Le Hoye (1756-1819), x Caroline de Cartier (1755-1787) Maurice de Lehoye (zie hierna) Louis de Le Hoye (zie hierna)

Maurice de Le Hoye Maurice Joseph Jacques Ghislain de Le Hoye (Namen, 25 juli 1754 - Mozet, 26 januari 1829), licentiaat in de rechten, heer van La Potte, burgemeester van Mozet, na de in 1782 bekomen adelsverheffing tijdens de revolutie te hebben verloren, werd in 1825, onder het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en onder de naam de Lehoye de La Potte, opnieuw in de adel erkend. Hij trouwde in 1791 met Marie Bivort (1772-1840). Ze kregen zeven kinderen, maar zonder verdere afstammelingen. In 1866 was deze familietak uitgedoofd.

Maurice de Lehoye thumb|rechts|Kasteel van IJse in Overijse Maurice François Ghislain de Lehoye (naam aldus geschreven na vonnissen in Namen en Brussel) (Namen, 21 januari 1783 - Brussel, 21 maart 1865) werd in 1825, onder het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, in de adel erkend, maar hij lichtte het diploma niet zodat de benoeming werd geannuleerd. In 1851 bekwam hij dan toch opnieuw erkenning in de erfelijke adel. Hij trouwde in 1822 in Antwerpen met Cornélie Cogels (1789-1866). Ze kregen een zoon en twee dochters, maar in 1871 was deze familietak uitgedoofd. Hij restaureerde het kasteel van IJse.

Louis de Le Hoye Louis Joseph Ghislain de Le Hoye (Namen, 5 oktober 1786 - Nijvel, 24 november 1863) werd in 1825, onder het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, erkend in de erfelijke adel. Hij was doctor in de rechten en voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg in Nijvel, gemeenteraadslid van Nijvel en volksvertegenwoordiger. Hij trouwde in 1816 in Nijvel met Pauline de Prelle de la Nieppe (1795-1853), dochter van Bernard de Prelle de la Nieppe, gemeenteraadslid van Nijvel. Ze kregen twee zoons en een dochter. Émile de Le Hoye (1818-1894), raadsheer in het hof van beroep in Brussel, trouwde in 1851 in Overijse met zijn nicht Mathilde de Le Hoye (1824-1952). Ze kregen een zoon die jong overleed. Hij hertrouwde in 1855 in Brussel met haar zus Louise de Le Hoye (1822-1873). Ze kregen acht kinderen, met afstammelingen tot heden. Julie de Le Hoye (1822-1865), trouwde in 1849 in Nijvel met jhr. René de Lalieux (1822-1905). Ze kregen een zoon, jhr. Émile de Lalieux de La Rocq, burgemeester van Nijvel en volksvertegenwoordiger, en twee dochters, met afstammelingen tot heden. Ze waren de schoonouders van baron Paul de Gerlache, gouverneur van Luxemburg. Léon de Le Hoye (1835-1882), trouwde in 1873 in Nijvel met Adèle de Burlet (1848-1930), zus van jhr. Jules de Burlet, volksvertegenwoordiger, senator, premier en minister van Staat, en jhr. Constantin de Burlet, directeur-generaal van de Nationale Maatschappij van Buurtspoorwegen en burgemeester van Baulers. Ze kregen twee zoons en twee dochters, met afstammelingen tot heden.

Literatuur 'Généalogie de Le Hoye', in Annuaire de la noblesse de Belgique, Brussel, 1873. Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1991, Brussel, 1991.

Categorie:Zuid-Nederlands adellijk huis (voor 1830)