Raf Verjans (Tongeren, 12 mei 1935 - 27 januari 2022) was een Belgisch beeldhouwer en edelsmid.

Biografie Geboortestad

Raf Verjans werd geboren te Tongeren op 12 mei 1935.

Opleiding

Zijn hogere studies in de edelsmeedkunst heeft hij doorgebracht in de kunstschool te Maredsous (1949-1956). Daar liep hij school samen met andere bekende kunstenaars als Felix Roulin, Jean William, Emile Souply, enz. Na zijn opleiding heeft hij een buitenlandse reis gemaakt. In deze periode verbleef hij onder meer gedurende 3 maanden in Athene. Vervolgens keerde hij terug naar West-Europa om er in een edelsmederij te Maastricht een werkstage te doen. Hier vervolmaakte Verjans zijn vaardigheden. Vanaf 1958 begon hij als zelfstandige beeldhouwer en edelsmid.

Tentoonstellingen

Tijdens zijn carrière heeft Raf Verjans meer dan 50 tentoonstellingen georganiseerd. De allereerste tentoonstelling vond plaats in 1959 in de Galerie “Dols” te Luik. De tentoonstellingen reisden heel Europa rond, maar de meest toonaangevende edities speelden zich af in de streek rond Tongeren en haar 10 zustersteden. Deze zustersteden vormden mettertijd ook een steunpilaar voor zijn kunst. In talrijke locaties, waaronder Cultuurcentrum Velinx in Tongeren, het provinciehuis van Limburg, het Domein Den Rooy in Meerle, Petit Rouge te Blankenberge,... en nog veel meer plaatsen, is zijn werk permanent te bezichtigen.

Zijn kunst Kerkelijke kunst’ en ‘abstracte kunst’

In de beginjaren van zijn carrière als zelfstandig edelsmid, koperdrijver en beeldhouwer concentreerde Raf Verjans zich hoofdzakelijk op kerkelijke kunst en alles wat met eredienst en rituelen te maken had. Prominente voorbeelden hiervan zijn o.a. kelken, cibories, tabernakels, kandelaars, etc. tot zelfs het interieur van kerken. In het tijdsbeeld van de laatste fase van de heersende hoogconjunctuur in de Kerkelijke wereld was dit vanzelfsprekend. Vanaf 1964 stapte hij dan geleidelijk af van die religieuze gebruiksvoorwerpen en gaat hij over naar het ‘profane’. Wat voordien versiering was, deint uit tot sculptuur.

In de jaren ’60 zwaaien anti-burgerlijkheid, anti-elitarisme, anti-militarisme, anti-kunst, ... enz. de plak. Uit dit tijdsbeeld ontstaan een reeks ‘schrootsculpturen’. Zijn kunstambachtelijke activiteiten handelden in die periode hoofdzakelijk rond de kerkelijke smederij. Doch als tegenpool van deze toegepaste kunsten zocht en vond Verjans compensatie in de scheepsdokken van Antwerpen. Het bleek een fascinerende periode te worden tijdens dewelke hij dagenlang betrokken was bij het afbraakproces van zeeschepen en zwaar oorlogsmateriaal. De fascinatie voor fantastische bouwsels van het menselijk genie gedoemd tot de schroothoop, de hallucinerende wereld van staal, snijbranders, breek-, hijs- en vernietigingsmachines met dito geuren en geluiden, is wellicht de start geweest van het bronthema Dualiteit, dat zijn verdere loopbaan zal gaan beheersen.

Juweelkunst

Dankzij de uitgebreide technische en vormelijke opleiding Edelsmederij die Verjans in de kunstschool van Maredsous had gevolgd, werd de juweelkunst al snel een van zijn voornaamste beroepsactiviteiten. Dit vormde op zijn beurt als het ware een alibi om zich te storten op de creatie van ruimtelijke sculpturen, hetgeen volledig in een symbiotische verhouding stond met zijn natuur, talent, aspiraties, intrinsieke motivatie en visie. Zijn juwelen kunnen beschouwd worden als mini-sculpturen. Het zijn hierdoor geen sieraden in de klassieke betekenis. Ze lokken eerder een vorm van medeplichtigheid uit met de filosofische visie van Raf Verjans in relatie tot de fenomenen ”Homoïde-dualiteit” en “4de Dimensie“.

Het dragen van zijn mini-sculpturen fungeert eerder als de participatie aan een monument dan als een louter sieraad of statussymbool. Vaak spreken ze van een engagement, van verbondenheid op een hoger niveau. Hierbij spelen modetrends, kledij en het lichaam een ondergeschikte rol. Ieder juweel is voor Raf Verjans een verhaal dat als een puzzelstukje deel uitmaakt van een groter geheel en dat die verbondenheid kenmerkt. Met zijn juwelen wil hij de drager ervan aanzetten tot verkenning, ontdekking, inzicht en deel uitmaken van een bredere realiteit. Dit constitueert de toegevoegde 4-dimensionale waarde die door eigen inzicht in beweging komt.

Werken

Met de Edelsmeedkunst als vertrekpunt deinen Raf Verjans’ werken uit over verschillende disciplines, maar zowel het ambachtelijke als het ruimtelijke aspect blijft de hoofdtoon. Kenmerkend in al zijn werken gaande van tekeningen, gedichten, muziek, monumenten, juwelen en kleinsculpturen is het monumentale karakter en de universele verbondenheid. Zijn materialen komen steeds terug: brons, zilver, steen, marmer, goud, ... . Deze materialen gebruikt hij om universele begrippen als leven, dood, relatie, leegte, spiegel, het schrift, ... en andere dualistische begrippen die de mens al sedert het ontstaan van de mensheid heeft gekend en bewerkt. Zijn werken wentelen steeds rond deze thematieken en trachten een antwoord te formuleren op verscheidene levensvragen.

De werken gebruiken de mens als hoofdfiguur, in zijn individuele status en zijn universele vorm. Verjans organiseert een ontmoeting met deze twee vormen, zowel in zijn kunst, als bij de toeschouwer.

Projecten

Omwille van Raf Verjans’ filosofie en dualistische kunst, is hij steeds op zoek naar een verbondenheid met mensen op een 4-dimensioneel niveau. Hiermee wil hij aantonen dat een liefdesrelatie veel meer is dan het collectieve begrip inhoudt, dat een vriendschapsrelatie veel meer is dan een gevoel of een reeks van overeenkomsten of afspraken. Door via kunst een verbondenheid aan te gaan met een instelling, een persoon of een vereniging bekomt hij de dichtste benadering tot wat hij de 4de dimensie noemt. Daarom vindt Raf Verjans het ontzettend belangrijk om samen met anderen tot een ontwerp te komen dat past binnen de eigenheid van de opdrachtgever, en iets zegt over de universele verbondenheid van de ziel van de opdrachtgever en de kunstenaar zelf.

Enkele van zijn projecten:

1 “Gouverneur Roppe” Hasselt 1980

Het bronzen borstbeeld is in 3 delen opengetrokken. De verschuivingen hierdoor ontstaan, geven aanleiding tot interacties tussen positieve en negatieve vormen. De gesuggereerde beweging, dynamiek en evolutie die hieruit voortvloeien, zijn de ingrediënten van de dualiteit en het 4-dimensioneel principe. De stuwende kracht achter dit vormenspel vertrekt echter vanuit de zwarte mazy-sokkel, met name mevrouw Roppe die als het ware verscholen zit aan de binnenkant van haar echtgenoot. Haar profiel, bescheiden en bijna onzichtbaar, is de aanzet van positieve en negatieve vormen, die zich in opwaartse richting ontwikkelen in plexiglas, van zwart tot transparant. Hiermee bracht Verjans duidelijk een hommage aan mevrouw Roppe.

2 “Elektro Thijs” Sculptuur in Genk 1989

Deze architecturale, geïntegreerde muursculptuur in graniet en brons stelt de “Homoïde “ als onderdeel van het industrieel – elektronisch proces voor.

3 “Homo Intervallum” 1998

Deze sculptuur stelt Raf Verjans’ gedrevenheid voor kunst voor. Hij toont ermee aan dat hij als mens of kunstenaar een spilfiguur is tussen dualistische begrippen. Hij verklaart hiermee zijn incomplete verschijning als ‘mensachtige’.

4 “Passing memorial” 1990

Deze sculptuur is een hommage aan “de passant” – voorbijganger in de filosofie van het evolutieproces van het komen en gaan van de Homoïde. Het is de synthese en de rode draad van Raf Verjans’ visie en filosofie.

5 “Homo Universalis” in Zutendaal 1990

Dit beeld bestaat uit twee natuurstenen platen, waarin een menselijk bronzen figuur in de twee delen en in negatief verwerkt is. De negatieve profielen zijn de tweedimensionale begrenzing van de Mens. De derde en de vierde dimensie is de invulling, de leegte tussen de eerste en de tweede blok. Dit geheel van negatieve en positieve vormen is de start van een evolutie in tijd en ruimte die door de toeschouwer via observatie, meditatie, participatie en eigen fantasie en creativiteit kan worden opgebouwd.

Dit project sluit aan bij de uitstraling van het natuurgebied van Zutendaal dat aan een universele behoefte: het beantwoordt aan een steeds groeiende menselijke behoefte inzake bezinning en rust.

6 “150 jaar Provinciewet” geïntegreerd kunstwerk in raadszaal nieuw provinciehuis Hasselt 1991

In dit monumentale kunstwerk wordt de menselijke voorstelling fragmentarisch weergegeven en verspreidt in een spel van positieve en negatieve vormen. De mens als tijdelijke verschijning, zijn tijdloze evolutie, zijn komen en gaan... gestolde bewijzen van zijn passage, vroeger, nu, morgen...sporen van zijn genie, zijn beperkingen, zijn menselijkheid. Al deze thema’s komen hier aan bod en verklaren hoe diep zijn filosofie reikt en hoe deze denkwijze vertaald wordt in zijn kunst.

7 “Solo Orto Memorial” monumentaal sculptuur in Hasselt 1993

Letterlijk betekent de titel van dit werk ‘na zonsopgang’. De uitgesproken cirkelvorm van het monument legt de associatie met de titel. Het werk zelf symboliseert een nieuwe dag, een nieuw tijdperk, ... . De zelfstandige ondernemers van Hasselt willen door haar dynamisch initiatief en door middel van het monument een signaal geven die de boodschap van vernieuwing en ondernemingsgeest.

8 “Homo Incognitus” 1993

Deze figuur is een illustratie van een kortstondige verschijning in het geordende Universum. Zijn reis situeert zich ver buiten de geboorte en de dood en plaatst ons in een andere dimensie, de vierde dimensie. De mens heeft in die dimensie altijd naar een redelijk antwoord gezocht om te komen tot een vorm van geloof in onsterfelijkheid.

9 “Tungri Memorial” in Tongeren 1994 CC de Velinx

In de Velinx, het culturele centrum van Tongeren, prijkt deze monumentale wandsculptuur. Dit kunstwerk is te vergelijken met een archeologisch bodemonderzoek dat zijn levenssporen van vroegere en toekomstige beschavingen onthult. De archeoloog werkt volgens Raf Verjans op eenzelfde manier als een kunstenaar. Hij maakt zijn vondsten zichtbaar en stelt ze gedeeltelijk ten toon. Achter de ruwe en geoxideerde wand verschijnen menselijke profielen die de Homoïden (mensachtige) voorstellen. Omwille van de negatieve contouren van deze profielen ontstaat een “leegte” die kenmerkend is voor de visie van Raf Verjans. Deze dualiteitgedachte, vertaald in positieve en negatieve vormen, is de basis van zijn kunst.

Het werk staat bol van de verwijzende symbolen zoals een spiegel, zand en schrift, teneinde het verhaal kracht bij te zetten en de tijdloosheid en universaliteit ervan te benadrukken. De titel verwijst naar de volksstam, de Tungri, die zich in de streek van Tongeren vestigden na de uitroeiing van de Eburonen (met Ambiorix als stamhoofd ) door de Romeinen.

10 “Homo Novus” Vesalius ziekenhuis Tongeren 1999

Dit kunstwerk genaamd ‘de nieuwe mens’ is de algemene benaming van een filosofie. Het beeld is een balkvormige voorstelling van het ontstaan van een mens: een langdurig proces van ontluiking, een nieuwe geboorte. De Tongerse afdeling van de Lions Club International schonk dit stuk aan het ziekenhuis.

11 “ vzw Responsum arti facit r.a.f. 1995”

In 1995 vierde Raf Verjans zijn veertigste verjaardag als kunstenaar en tevens ook zijn zestigste verjaardag in de Velinx in Tongeren. De tentoonstelling stond voor een unitaire en grote uitdieping van een van zijn levensvragen ‘Hoe word je kunstenaar?’.

Raf Verjans ervaart ‘kunstenaar zijn of worden’ als een pre-embryonale voortbestemming die zich op een gegeven ogenblik zeer sterk opdringt, als een soort van virus. Dit virus nestelt zich in het individu met als gevolg een blijvende scheppingsdrang. Daaruit besluit Raf Verjans dat je als kunstenaar geboren wordt, en de drang zich afhankelijk van opvoeding, ambitie, karakter, maatschappelijke situatie en andere factoren verder ontwikkelt in een kunstbeoefening.