Het oorzakelijk voorwerp is een zinsdeel dat voorkomt bij een aantal naamwoordelijk gezegdes, zoals: bijster raken/zijn; voorbeeld: Hij raakte het spoor bijster beu zijn/worden, bijv. Ik ben zijn gezanik beu. schuldig zijn, bijv. Toen ze hem ontmoette, was hij zijn ouders nog € 1000,- schuldig. waard zijn, bijv. De collectie die hij naliet, was veel geld waard. kwijt zijn, bijv. Zij is haar tas kwijt. zat worden, bijv. Hij is het zat, gewend zijn, bijv. Wij zijn het gewend moe zijn, bijv. Ik ben het geruzie moe.
Oorzakelijke voorwerpen komen ook voor bij: gewoon zijn, indachtig zijn, van plan zijn, zich bewust zijn en rijk zijn.
Het oorzakelijk voorwerp is te onderscheiden van: het lijdend voorwerp, omdat het voorkomt met een naamwoordelijk gezegde het meewerkend voorwerp, het belanghebbend voorwerp en het voorzetselvoorwerp, omdat het niet kan beginnen met een voorzetsel het ondervindend voorwerp, omdat het niet beleefd of ondervonden wordt
Bronnen G. Geerts, W. Haeseryn, J. de Rooij, M.C. van den Toorn, Algemene Nederlandse Spraakkunst, Wolters-Noordhoff Groningen/Wolters Leuven, 1984 https://web.archive.org/web/20210617231645/http://ans.ruhosting.nl/e-ans/ https://onzetaal.nl/taaladvies/advies/oorzakelijk-voorwerp
Categorie:Zinsdeel