Mixosaurus is een geslacht van uitgestorven ichthyosauriërs uit het Midden-Trias (Anisien tot Ladinien, ongeveer 250-240 miljoen jaar geleden).

De eerste fossielen zijn in de eerste helft van de negentiende eeuw gevonden in de buurt van de grens tussen Italië en Zwitserland. Het geslacht kreeg in 1887 zijn naam die zoiets als 'gemengde sauriër' betekent. Het dier leek namelijk wel wat op latere ichthyosauriërs maar had ook 'primitieve' kenmerken. Mixosaurus omvat minstens één geldige soort: Mixosaurus cornalianus, die in 1886 als eerste beschreven werd. Er zijn echter veel meer soorten benoemd. Vroeger werd Mixosaurus daarom beschouwd als het meest voorkomende geslacht van ichthyosauriërs uit het Trias, waarvan fossielen over de hele wereld waren gevonden, waaronder zuidelijk China, Timor, Spitsbergen en Canada, evenals Alaska en Nevada in de Verenigde Staten. De meeste van die soorten zijn later of benoemd als aparte geslachten of afgewezen omdat ze gebaseerd waren op te slecht fossiel materiaal. Van M. cornalianus zijn echter honderden exemplaren gevonden, meer dan van enige andere ichthyosauriër uit het Trias. Toen het eenmaal lukte de platgedrukte fossielen te begrijpen, kregen onderzoekers een goed beeld van de bouw van het dier.

Mixosaurus is een relatief kleine ichthyosauriër, niet veel meer dan een meter lang en vier kilogram zwaar. Hij heeft een spitse snuit en een vrij kleine schedel met grote ogen. Zijn romp is dikker en draagt een rugvin. De staart is matig lang en eindigt in een lage staartvin. Met die staart stuwde het dier zich voort in het water. In de snuit staan vooraan spitse tanden in een groeve. Daarmee werden glibberige prooien gegrepen zoals vissen en inktvissen. Achter in de kaken staan meer stompe tanden. Daarmee konden schelpdieren gekraakt worden. Er liggen twee langwerpige gepaarde holten op het schedeldak, een van de meest onderscheidende kenmerken van Mixosaurus. Die boden ruimte aan sterke sluitspieren van de onderkaken om hard voedsel te kraken.

Mixosaurus bewoonde warme ondiepe kustwateren. Misschien dook hij niet al te diep maar zijn ogen waren wel al vrij groot. Hij was geen typische bewoner van de open oceanen. Toch toonde hij al aanpassingen voor een actief leven in de zee. Hij benaderde de bouw van latere ichthyosauriërs door een grotere kop, kortere nek, gedrongen romp en kortere staart.

Mixosaurus wordt met zijn naaste verwanten, waaronder een aantal vroegere mixosaurussoorten, in de Mixosauridae geplaatst. Dat was in het middelste Trias een succesvolle groep met een ruime verspreiding.

Naamgeving thumb|upright=0.5|Baur Het geslacht werd in 1887 benoemd door de Duits-Amerikaanse paleontoloog George H. Baur. De naam betekent 'gemengde hagedis' en is gekozen omdat het een overgangsvorm lijkt te zijn tussen de palingvormige ichthyosauriërs zoals Cymbospondylus en de latere dolfijnachtige Ichthyosaurus. Baur benoemde Mixosaurus als een nieuw geslacht omdat zijn voorvin van die van Ichthyosaurus verschilde door het behouden van langgerekte onderarmbotten.

Soorten Er zijn twee soorten Mixosaurus die momenteel algemeen worden erkend: Mixosaurus cornalianus en Mixosaurus kuhnschnyderi. Ze delen veel vergelijkbare kenmerken in de schedel en postcrania met de belangrijkste verschillen in de morfologie van het gebit. Voorbeelden van de tandvariatie zijn de omvang van de tandgroef in de bovenkaak, de vorm en grootte van de tanden en het aantal rijen tanden.

Eerdere moderne auteurs wezen aan het geslacht andere soorten toe, waaronder M. atavus (Quenstedt, 1852), M. callawayi Schmitz et alii, 2004, M. xindianensis Chen & Cheng, 2010 en M. yangjuanensis Liu & Yin, 2008.

Mixosaurus cornalianus thumb|Wijfje met embryo's in Zürich In 1847 meldde de geoloog Giulio Curioni dat zich in zijn uitgebreide collectie ook ichthyosauriërfossielen bevonden, gevonden aan de Zwitserse grens.Curioni, G. 1847. "Cenni sopra un nuovo saurio fossile dei monti di Perledo sul Lario e sul terreno che lo racchiude". Giornale del Reale Instituto Lombardo di Scienze, Lettre ed Arti 16: 157–170 Het Museo di Storia Naturale di Milano zond verschillende expedities uit om meer materiaal te bergen. In 1886 benoemde Francesco Bassani een Ichthyosaurus cornalianus. De soortaanduiding eerde de natuurvorser Emilio Cornalia, conservator van het natuurhistorisch museum van Milaan. In 1887 maakte Baur hier een apart geslacht Mixosaurus van. De oorspronkelijke Ichthyosaurus cornalianus is daar de typesoort van. left|thumb|upright Bassani baseerde zijn soort op tamelijk slecht materiaal uit Besano, wat stukken kaak, hoewel er veel betere fossielen beschikbaar kwamen. Daarbij werd het typemateriaal vernietigd toen tijdens de Tweede Wereldoorlog Milaan gebombardeerd werd. Eind twintigste eeuw werd onderkend dat dit alles Mixosaurus tot een nomen dubium zou maken.Brinkmann, W. 1999. "Ichthyosaurus cornalianus BASSANI, 1886 (currently Mixosaurus cornalianus; Reptilia, Ichthyosauria): proposed designation of a neotype". Bulletin of Zoological Nomenclature, 56: 247-249 In 1999 werd door het ICZN een neotype aangewezen in Opinio 1977: specimen PIMUZ 2420, een skelet met schedel en drie embryo's in de collectie van het paleontologisch instituut van het museum van de Universiteit van Zürich. Al deze materialen kwamen uit de Besanoformatie.

Honderden exemplaren van Mixosaurus cornalianus zijn gevonden in het Midden-Trias van Monte San Giorgio en de Tessin-gebieden op de grens van Italië en Zwitserland. Mixosaurus cornalianus is de enige ichthyosauriër uit het Trias waarvan volledige en in verband liggende skeletten zijn gevonden. Veel exemplaren zijn verzameld, maar Mixosaurus cornalianus werd lange tijd niet goed bestudeerd; dit komt omdat alle bekende exemplaren zijn samengedrukt tijdens het conserveringsproces. Pas eind twintigste eeuw kwam daar verandering in door studies van het skelet door Ryosuke Motani,Motani, R. 1999. "The skull and taxonomy of Mixosaurus (Ichthyopterygia)". Journal of Paleontology, 73: 924–935 die speciale technieken ontwikkelde om platgedrukte fossielen digitaal te reconstrueren.Motani, R. 1998. "New technique for retrodeforming tectonically deformed fossils, with an example for ichthyosaurian specimens". Lethaia, 30: 221–228 De beste exemplaren uit Zwitserland waren daarbij slechts beperkt toegankelijk voor buitenlandse onderzoekers omdat de Zwitsers zich beriepen op het privilege hun vondsten zelf te beschrijven, wat een traag proces bleek. Pas eind twintigste eeuw werden belangrijke studies gepubliceerd.Brinkmann, W. 1997. "Die Ichthyosaurier (Reptilia) aus der Mittletrias des Monte San Giorgio (Tessin, Schweiz) und von Besano (Lombardei, Italien) – der aktuelle Forschungsstand". Vierteljahrsschrift der Naturforschenden Gesellschaft in Zürich 142: 68–78Brinkmann, W. 1998. "Die Ichthyosaurier (Reptilia) aus der Grenzbitumenzone (Mitteltrias) des Monte San Giorgio (Tessin, Schweiz) – neue Ergebnisse". Vierteljahrsschrift der Naturforschenden Gesellschaft in Zürich 143(4): 165–177 Na 1975 begon het Milanese museum ook weer opgravingen te verrichten, wat vooral in de eenentwintigste eeuw veel goede stukken opleverde, met name uit de Sasso Caldo-vindplaats. De specimina omvatten ook veel jonge individuen en soms resten van de weke delen zoals de huid en ingewanden. thumb|De exemplaren zijn vaak lastig te interpreteren Mixosaurus cornalianus heeft een sagittale kam op de kruin, geassocieerd met de voorste uitbreiding van de bovenste slaapvensters. Dit geeft aan dat het dier uitzonderlijk sterke kaakspieren had.

Mixosaurus hectori In 1874 had James Hector, de directeur van de Geological Survey and Colonial Museum in Wellington, een Ichthyosaurus australis benoemd op basis van een wervellichaam gevonden op Mount Potts, op het zuidelijk eiland van Nieuw-Zeeland. Deze naam bleek echter al bezet door Ichthyosaurus australis McCoy 1867. In 1876 veranderde Hector de naam daarom in Eosaurus australis. In 1886 benoemde hij ander materiaal als een Ichthyosauris pottsi. In 1889 meende Richard Lydekker dat dit alles één soort vertegenwoordigde van Mixosaurus. Om verwarring met Ichthyosaurus australis te voorkomen benoemde hij die als Mixosaurus hectori. Naar huidige normen heeft de soortaanduiding australis echter prioriteit. Daarbij wordt deze meestal als een nomen dubium beschouwd, mede omdat het holotype zoek is, zodat er geen 'Mixosaurus australis' erkend hoeft te worden.

Mixosaurus major In 1891 benoemde Eberhard Fraas een Mixosaurus major, 'de grotere'. In 2003 zag Christopher Gowan dit als een nomen dubium.

Ichthyosaurus (Mixosaurus) polaris In 1895 maakte Dames van Ichthyosaurus polaris Hulke 1873 een Ichthyosaurus (Mixosaurus) polaris, dus een ondergeslacht. Dit heeft geen navolging gevonden. In 1910 werd dit het aparte geslacht Pessosaurus.

Mixosaurus helveticus, Mixosaurus intermedius en Mixosaurus atavus In 1916 benoemde Friedrich von Huene een Mixosaurus helveticus. De soortaanduiding verwijst naar Zwitserland. Tegelijkertijd benoemde hij een Mixosaurus intermedius, de 'tussenliggende'. Christopher McGowan stelde in 2003 dat beide nomina dubia zouden zijn.

Ook in 1916 hernoemde Von Huene Ichthyosaurus atavus Quenstedt 1852, tot een Mixosaurus atavus. In 1998 werd dit het aparte geslacht Contectopalatus. Motani bleef dit echter zien als een mixosaurussoort. Specimen BMPI 5180 is een van de best bewaarde mixosauride schedels.

Mixosaurus nordenskioldii, Mixosaurus natans, Mixosaurus fraasi, Mixosaurus longirostris en Mixosaurus callawayi In 1910 benoemde Carl Wiman een Mixosaurus nordenskioldii. In 1999 werd deze soort ondergebracht in Phalarodon; het is mogelijk een nomen dubium. Een gedeelte van de aan deze soort toegewezen fossielen bleken echter een apart taxon te vormen. In 2004 werd dat benoemd als Mixosaurus callawayi. De soortaanduiding eerde wijlen Jack Callaway, welke de moderne fylogenie van ichthyosauriërs op poten had gezet. Het holotype is specimen CMC VP 7275, een schedel gevonden in de Favret Canyon, Pershing County, Nevada. Sommige onderzoekers zien deze soort echter als een Phalarodon callawayi.

Wiman hernoemde in 1910 ook Cymbospondylus (?) natans tot een Mixosaurus natans. Dit wordt tegenwoordig gezien als een jonger synoniem van Phalarodon fraasi. McGowan hernoemde deze laatste soort in 1972 tot een Mixosaurus fraasi. Dit wordt tegenwoordig als onjuist beschouwd. Hij hernoemde meteen Grippia longirostris tot een Mixosaurus longirostris. Ook dat vindt geen instemming meer.

Mixosaurus timorensis In 1931 benoemde Ferdinand Broili een Mixosaurus timorensis. De soortaanduiding verwijst naar de herkomst uit Timor. Deze soort wordt tegenwoordig als een nomen dubium beschouwd.

Mixosaurus? maotaiensis In 1962 benoemde Yang Zhongjian een Mixosaurus? maotaiensis. Het vraagteken geeft al aan dat hij niet zeker was van deze indeling. In 2005 werd dit het aparte geslacht Barracudasaurus, wellicht een nomen dubium.

Mixosaurus kuhnschnyderi In 1998 benoemde Brinkmann een Sangiorgiosaurus kuhnschnyderi.Brinkmann, W. 1998. "Sangiorgiosaurus n. g.—eine neue Mixosaurier-Gattung (Mixosauridae, Ichthyosauria) mit Quetschzähnen aus der Grenzbitumenzone (Mitteltrias) des Monte San Giorgio (Schweiz, Kanton Tessin)". Neues Jahrbuch für Geologie und Paläontologie Abhandlungen, 207: 125-144 De geslachtsnaam verwijst naar de Monte San Giorgio. De soortaanduiding eert Emil Kuhn-Schnyder. Het holotype is PIMUZ T1324. Deze soort is duidelijk nauw aan M. cornalianus verwant en wordt daarom meestal als een Mixosaurus kuhnschnyderi beschouwd hoewel men naar keuze een apart geslacht kan erkennen. Dit onderscheidt zich door het bezit van drie of vier heel kleine stompe tanden in de onderkaak.

Mixosaurus guanlingensis In 2000 werd Qianichthyosaurus Lichun, 1999 hernoemd tot een Mixosaurus guanlingensis. Deze soort lijkt echter niet speciaal aan M. cornalianus verwant.

Mixosaurus panxianensis